|
|
|
Het Hugo Nielsen Systeem
en de behandeling van kanker
Scriptie in het kader
van het C- examen voor de acupunctuuropleiding van de Nederlandse
Artsen Acupunctuur Vereniging
M.Y. Meerburg, arts
INHOUDSOPGAVE
|
1. INLEIDING
Tijdens de lange periode waarin ik in Noorwegen
werkzaam was als huisarts en klassiek homeopaat kwam ik in contact
met het Hugo Nielsen Systeem. Het trof mij direct, dat dit een
behandelmethode was, waarbij men bij kankerpatiënten heel
veel kon bereiken, ook in die gevallen waarbij de patiënten “opgegeven” waren
door de reguliere geneeskunde.
Het systeem is uitgevonden door een Deense acupuncturist en gedurende
ruim 30 jaar in zijn praktijk getest. Het werkt zo goed dat er
momenteel in het Hugo Nielsen Instituut in Gram, Denemarken, bijna
uitsluitend kankerpatiënten worden behandeld. De resultaten
zijn dermate opvallend dat nu ook de Deense regering geïnteresserd
is geraakt, niet in het minst doordat er op financieel gebied veel
te besparen valt. Door de behandeling bij het instituut kunnen
de meeste patiënten namelijk gewoon hun normale werk blijven
doen ondanks het feit dat ze behandeld worden met chemotherapie
of bestraling. Bovendien hebben de patiënten vaak veel minder
reguliere medicijnen nodig, doordat ze minder bijwerkingen hebben
van de reguliere behandeling, zoals misselijkheid, pijn etc., maar
ook doordat ze in het algemeen in een veel betere conditie komen.
Dit betekent ook minder opnames in ziekenhuizen, hetgeen natuurlijk
weer een duidelijke kostenbesparing met zich meebrengt.
Voordat ik over ga tot de beschrijving van het Hugo
Nielsen Systeem, wil ik voorop stellen dat ik mij er terdege van
bewust ben dat de behandeling van kankerpatiënten met acupunctuur
een controversieel onderwerp is. Mijns inziens wordt het minder
controversieel door het feit dat de behandeling met dit systeem
zeer goed samengaat met de traditionele reguliere behandeling en
het effect ervan juist lijkt te versterken.
Ik heb niet de pretentie een wetenschappelijk onderzoek te presenteren.
Ik wil hiermee een beschrijving geven van het Hugo Nielsen Systeem
en vervolgens enige voorbeelden geven uit mijn eigen praktijk,
waar ik dit systeem nu gedurende ruim 2 jaar gebruikt heb. Ik beperk
mij hierbij tot de behandeling van kanker, hoewel het systeem ook
uitstekende effecten heeft op de behandeling van tal van andere
ziekten.
2. HET HUGO NIELSEN SYSTEEM
Het Hugo Nielsen Systeem bestaat eigenlijk uit 2
onderdelen. Het eerste is de behandeling met acupunctuurnaalden,
het tweede bestaat uit het zgn. “Cellcom Systeem”.
Cellcom staat voor celcommunicatie. Ik zal in het volgende eerst
het acupunctuuronderdeel proberen te verklaren en daarna het Cellcom
Systeem.
2.1 DE ACUPUNCTUUR VOLGENS HUGO NIELSEN
Het Hugo Nielsen Systeem begon op een dag met een ontdekking bij
een patiënt die door Hugo Nielsen met voetzoolreflextherapie
behandeld werd.
Terwijl hij op Bl 60 van de rechter voet drukte, vroeg de patiënt
hem of het bij de linker voet net zo pijnlijk was. Hij drukte toen
op Bl 60 van de linker voet terwijl hij de druk op de rechter voet
vast hield, om de pijn te kunnen vergelijken. Het gevolg was verbazingwekkend,
omdat de patiënt uitriep: “wat doet u met mij?’
Hugo Nielsen ontdekte bij deze gelegenheid dat de patiënt
terecht kwam in een toestand van ontspanning, waarbij haar hele
lichaam pijnvrij werd. Ze had al jaren pijn in haar benen en rug
en had al vele injecties gehad van haar huisarts, zonder dat dit
ook maar iets geholpen had. Nu was ze in één kort
ogenblik volkomen pijnvrij geworden. Op de vraag “wat heeft
u eigenlijk gedaan?”, moest Hugo Nielsen haar antwoorden “ik
heb geen idee!”
Een week later kwam de patiënt weer terug en toen vertelde
ze dat ze na de bovenstaande gebeurtenis ook nog een paar andere
kwaaltjes, die ze niet eerder genoemd had, kwijtgeraakt was. Namelijk:
lichte chronische hoofdpijn, maagklachten en een lichte psychische
instabiliteit.
Ze was 8 jaar tevoren met de fiets gevallen en de fysieke en psychische
symptomen die ze toen had gehad kwamen nog een keer naar boven
om daarna voorgoed te verdwijnen.
Dit voorval gaf Hugo Nielsen veel te denken. Het
waren herhaalde gebeurtenissen van totaal verschillend karakter
die hem uiteindelijk op de gedachte brachten, dat er een centraal
stuursysteem moest bestaan, dat door deze paarsgewijze druk en
paarsgewijs prikken met acupunctuurnaalden beïnvloed werd.
In principe moesten deze beide op dezelfde plaats (symmetrisch)
gelokaliseerde punten dezelfde waarde en dezelfde eigenschappen
bezitten, onafhankelijk van het feit welke paarsgewijze punten
men nam.
Dit bleek ook te kloppen, maar vele van de punten die hij uitkoos
hadden een begrensde werking en reactie.
Gedurende de behandeling van vele duizenden patiënten
met acupunctuur werd het Hugo Nielsen duidelijk dat er “terminale” punten
bestaan, die alle informatie over ons leven bevatten, van de wieg
tot het graf. Hoe groter de afstand van de gekozen punten tot de
hersenen, hoe groter het effect van de acupunctuur.
Alle informatie die elk van de acupunctuurpunten van een meridiaan
bevat ligt ook opgeslagen in het “terminale” punt,
onafhankelijk van het feit of we met de nr.1 van een meridiaan
te doen hebben of met het eindpunt, als we maar dát punt
kiezen dat het verst van de hersenen verwijderd is. En dit zowel
aan de recher als de linkerkant van het lichaam tegelijkertijd,
dus symmetrisch of paarsgewijs.
Om een mechanisch/fysisch stuureffect te bereiken, waarbij de herinnering
aan de opbouw van het leven weer hersteld kan worden, moeten deze
symmetrische punten gelijktijdig gemanipuleerd worden anders blijft
het effect uit.
Deze nieuwe “behandelingscommunicatie”,
die uitgevoerd wordt door manipulatie van “terminale” punten
in een bepaalde volgorde, leidt tot reacties die mogelijkheden
bieden die nooit eerder herkend zijn. Alle klachten van een patiënt,
zowel hoofdpijn, frozen shoulder, gastritis, rheumatische pijnen
enz., worden in uitgangspunt met dezelfde symmetrische punten tegelijkertijd
behandeld. Wanneer de reacties hierop zijn uitgeblust, gaat men
verder naar de volgende fase en het volgende stel symmetrische
punten.
Sommige van de paarsgewijze punten kan men ook combineren, maar
het is belangrijk het feit te noemen dat, wanneer men slechts 2
naalden gebruikt (paarsgewijs), het lichaam zelf, zonder hulp van
de therapeut, zal proberen zijn eigen oorsprong te vinden.
In principe lijkt dit dus een eenvoudige methode,
het wordt pas moeilijk wanneer het reactiepatroon dat de patiënt
vertoont verklaard moet worden, omdat het een zeer lange en continue
training in de praktijk vergt om de talloze reacties, die het lichaam
gaat vertonen en die optreden als “verklikker”-functies,
onder controle te houden.
Reacties die door de ziekte worden opgewekt vertonen één
patroon. Reacties die door de reguliere medische behandeling worden
opgewekt vertonen weer een ander patroon, dat met betrekking tot
het ziektebeeld onlogisch is. Reacties die door operateries zijn
opgewekt vertonen weer een ander patroon, dat m.b.t het ziektebeeld
ook abnormaal is.
Bovendien speelt de factor tijd een rol, de reactiesneldheid is
hiervan afhankelijk.
De stofwisseling en psychische veranderingen kunnen de reactiesnelheid
beïnvloeden en doen dat ook.
Met de reactiesnelheid in dit verband wordt bedoeld: de snelheid
waarmee het lichaam zich herstelt en weer gezond wordt, zonder
medische hulp, louter met behulp van 2 naalden.
In de onderzoeken van Hugo Nielsen kwam Ga 44 als
het enige punt naar voren, dat een herinnering op kon roepen aan
het hele onstaan van de ziektegeschiedenis van een patiënt
en het verleden en de toekomst in beeld kon brengen.
Het effect van 2 naalden alleen in Ga 44 is ook meetbaar en is
op thermovisionscanfoto’s te herkennen. Zowel op foto’s
genomen tijdens de therapie als ook op foto’s genomen slechts
10 minuten na de behandeling. Voorbeelden waarbij patiënten
met chronische gewrichtsonsteking tijdens de behandeling met naalden
pijnvrij werden en een lokale temperatuurverhoging van ca. 4,5
gr. Celsius kregen zijn verbazingwekkend.
Wanneer men de behandeling met Ga 44 begint, is het, met betrekking
tot de reacties, zeer belangrijk, dat men de patiënt nauwkeurig
observeert. Bij de volgende behandelingen weet men dan hoe de reactie
verloopt en kan men de patiënt meer rustig laten liggen, omdat
alle reacties na de eerste behandeling op elkaar lijken, alleen
nemen ze langzaam af.
Duidelijke tekenen van een goed uitgevoerde behandeling
zijn de volgende:
droge mond, koude tenen en voeten. Tegelijkertijd probeert het
lichaam tijdens de behandeling middels het uitbreken van transpiratie
onder de voeten, te vertellen wanneer het lichaam verzadigd is
en de belasting van de nieren optimaal is.
Het is dringend aan te bevelen dat de patiënt tijdens de eerste
behandeling een glas water in de buurt heeft.
Veel patiënten hebben zoveel reguliere medische behandeling
achter de rug dat ze binnen 30 seconden tot 5 minuten reageren.
Het tegenovergestelde kan echter ook het geval zijn: nl. dat de
reactie op de behandeling zeer traag op gang komt. Dit is afhankelijk
van de hele ziektegeschiedenis en de toestand waarin de patiënt
verkeert.
De door ziekte getroffen gebieden van het lichaam worden warm en
hetzelfde gebeurt met de tenen en vingers van de bijbehorende meridianen.
Daarom is het belangrijk de voeten grondig af te tasten en gebieden
met verhoogde en verlaagde temperatuur in kaart te brengen.
Een goed voorbeeld is de behandeling van arthrose van de rechter
knie: de rechter knie wordt eerst warm, terwijl de linker knie
koud wordt. Na verloop van tijd ( waarin de patiënt regelmatig
behandeld wordt, gemiddeld 1x per week) keert dit om en wordt de
linker knie warm. Dit fenomeen wordt door Hugo Nielsen parallelverschuiving
genoemd. Tijdens de behandeling met naalden merkt men dezelfde
temperatuursveranderingen in de gebieden onder de voeten die corresponderen
met de knieën.
Het is duidelijk dat het hierbij een groot voordeel
is, wanneer men enige kennis heeft van de voetzoolreflextherapie
omdat men door het controleren van temperatuursveranderingen aan
de voeten een dubbele controle heeft van de uitgevoerde behandeling,
naast de directe reacties elders in het lichaam, die door de patiënt
zelf opgemerkt en beschreven worden.
Het Hugo Nielsen Systeem heeft oa. bewezen dat de
meeste ziekten die met de gangbare therapieën ( hieronder
ook klassieke acupunctuur) behandeld worden en “genezen”,
eigenlijk in het lichaam blijven. Ze genezen a.h.w niet helemaal,
verdwijnen niet helemaal uit het lichaam. Tijdens de behandeling
met het Hugo Nielsen Systeem duiken de oude ziekteverschijnselen
weer op om uiteindelijk helemaal en voorgoed uit het lichaam te
verdwijnen.
De theorie van Hugo Nielsen is, dat men gedurende het leven steeds
zwakker wordt, doordat de ene ziekte zich op de andere stapelt.
De ziekten “genezen” zogenaamd, maar er blijft a.h.w
een stuk herinnering aan de ziekte achter in het lichaam en hierdoor
kan dezelfde ziekte later weer opduiken of komt, doordat er zich
andere ziektes later weer op de oude hebben gestapeld in een andere
vorm weer terug.
Deze ontwikkeling is natuurlijk afhankelijk van aanleg, levesstijl,
medicatie, virusinfecties, psychische invloeden enz. De snelheid
van deze ontwikkeling bepalen we voor een groot gedeelte zelf en
het lijkt dat we het hele proces m.b.h van het Hugo Nielsen Systeem
kunnen sturen.
De patiënt zelf ervaart de hele ontwikkeling tijdens de behandeling
en vertelt hierover, de therapeut controleert alleen of alles goed
verloopt.
Onder alle omstandigheden duiken de oude ziekten weer op tijdens
de behandeling met het Hugo Nielsen Systeem, om uiteindelijk helemaal
uit de “herinnering” van het lichaam te verdwijnen
en nooit meer terug te komen. Vele oude pijnen komen terug. Oude
onstekingen treden weer op. Reacties als verkoudheden, griep, koortsaanvallen,
hooikoorts-/allergieaanvallen en, gemeenschappelijk voor bijna
iedereen: problemen met de spijsvertering, maagzuur, darmproblemen,
verstoringen in de menstruele cyclus en last but not least: reacties
in oude operatielittekens, zoals van appendectomie, cholecystectomie,
adenotonsillectomie etc. Het lijkt erop dat een operatie niets
geneest, maar alleen de problematiek van de patiënt verschuift
naar een later tijdstip, waarbij dan vaak een ernstiger situatie
onstaat.
De meeste van deze reacties vertonen zich maar kort, bijv. enkele
minuten, maar oude kwalen, die al gedurende 30 tot 40 jaar in het
lichaam aanwezig zijn, kunnen gedurende langere tijd klachten geven,
soms zelfs wekenlang, Het ongemak dat dit met zich meebrengt kan
door zeer veel water te drinken worden verminderd. Men kan een
eenmaal in gang gezet proces niet meer omkeren, men kan het alleen
in tijd “uitrekken”, waarmee het a.h.w minder geconcentreerd
wordt en daarmee beter te verdragen voor de patiënt.
Het systeem is een studie op zich en hiervoor is
het noodzakelijk dat men in het Hugo Nielsen Instituut aanwezig
is. Het vergt een lange, lange training om alle reacties die de
patiënten vertonen tijdens de behandeling volkomen te begrijpen
en in kaart te kunnen brengen.
De priktechniek is van uiterst belang, men moet de naald aan de
nagelrand van de vinger of teen inbrengen, dus niet loodrecht in
bijv. Ga 44 prikken, want dan blijft het beoogde effect uit. Men
prikt dan in de zenuw, waarbij er een soort van verdovende werking
optreedt in plaats van dat men de zenuw stimuleert. Dit laatste
bereikt men alleen door wel in contact met de zenuw te komen, zonder
hem direct te treffen bij het prikken. De naald moet evenwijdig
aan het nagelbed, even onder de nagelriem ingevoerd worden, max
ca. 2-3 mm, waarbij het niet of nauwelijks pijnlijk mag zijn.
Gedurende vele jaren heeft Hugo Nielsen zijn systeem
in praktijk gebracht, getest en telkens weer verfijnd. Hij gebruikt
al jarenlang het hierna volgende, bij eerste aanblijk eenvoudig
lijkende behandelingsschema bij de behandeling van kanker:
1. Ga 44 + Ga 44
2. Ga 44 + Ga 44
Le 2 + Le 2
3. Ma45 + Ma 45
4. Ga 44 + Ga 44
Ma 45 + Ma 45
5. Ga 44 + Ga 44
Bl 67 + Bl 67
Het vergt echter lange, lange oefening om te herkennen wanneer
men tijdens deze therapie van de ene fase naar de volgende fase
kan overstappen.
2.2. HET CELLCOMSYSTEEM
Elke cel bevat (met in de celkern het DNA) alle
noodzakelijke informatie over praktisch alles wat in het lichaam
gebeurd is en ook over wat voor consequenties deze ontwikkelingen
met zich meegevoerd hebben.
Deze algemene informatie in de cellen is echer niet altijd instaat
om een ontsporing in ons systeem tegen te gaan en soms, zoals bij
de ontwikkeling van kanker kan deze ontsporing zover gaan dat zich
een dodelijke ziekte ontwikkelt.
Daarom heeft Hugo Nielsen het als een opgave gezien om een instrument
te ontwikkelen, dat niet alleen maar pijn kan verminderen of wegnemen,
maar ook de therapie met naalden sneller kan doen werken. Een instrument
dat direct met de cellen “communiceert” en dat een
ontsporing, zoals hierboven genoemd weer kan herstellenn of voorkomen.
Hiervoor heeft Hugo Nielsen grote delen van de celbiologie, biochemie,
neurologie, psychologie en electronica onderzocht. Hij heeft niet
de pretentie de waarheid in pacht te hebben en geeft toe dat er
nog veel te onderzoeken valt, maar toch heeft hij een uniek apparaat
ontwikkeld.
Het uitgangspunt is dat alle acupunctuurpunten gebieden zijn, waar
grote activiteit plaats vindt op het gebied van uitwisseling van
biologische data. Deze totale hoeveelheid informatie stuurt alle
mentale en fysiologische functies in het lichaam en bouwt a.h.w
een energie-patroon om het lichaam heen, dat eigenlijk een spiegel
is van hetgeen zich voortdurend in het lichaam afspeelt.
Een gedeelte van deze energie is van algemene fysische aard, zoals
de warmtestraling van het lichaam, die ook te meten is. Men gebruikt
al jaren de thermovsionscanmethode en ook het ECG-apparaat en de
CT-scan zijn bekende voorbeelden hiervan.
Hugo Nielsen is echter van mening dat er subtielere elementen aanwezig
zijn in onze levensprocessen en hij probeert deze dan ook zichtbaar
te maken.
Hij gaat ervan uit dat alles in ons lichaam ( zoals
ook overal elders in het universum), trilt in een bepaalde frequentie.
Wanneer we klachten hebben of ziek zijn, zijn enkele van deze frequenties
verstoord, net niet meer helemaal correct, er zit dan een hele
kleine afwijking in sommige van deze frequenties.
Zijn Cellcom Systeem bestaat uit een klein apparaatje dat werkt
op een 9 volts batterij.
Er zit een klein computertje in. Door middel van 2 electroden (
rood, - aan de linkerkant van het lichaam en zwart, + aan de rechter
kant van het lichaam) worden alle frequenties in het lichaam doorgemeten
en de foute frequenties eruit gepikt. Nadat deze meetfase, die
ca. 1 minuut duurt, afglopen is, worden de goede frequenties direct
vanuit het apparaat via de elctroden en de betreffende acupunctuurpunten
die men met het apparaat behandelt, teruggestuurd naar het lichaam.
Men plaatst de electroden in eerste instantie op acupunctuurpunten.
De gebieden van het lichaam die met deze punten verbonden zijn
zullen dan specifiek “doorgemeten” en behandeld worden,
maar tegelijkertijd wordt ook altijd de rest van het lichaam “meegenomen” in
deze behandeling.
Het gebruik van het Cellcom systeem in de praktijk is relatief
eenvoudig en de meeste kankerpatiënten gebruiken her apparaat
3x per dag thuis gedurende enkele minuten per keer, naast de behandeling
met naalden die ze gemiddeld 1 tot 2 x per week krijgen.
Er zijn inmiddels verschillende onderzoeken uitgevoerd, o.a. door
Prof. Svetoslav Danev in Bulgarije, die duidelijk meetbare en statistisch
significante verbeteringen in biochemische parameters aantonen
bij de behandeling van patiënten met het Cellcom systeem.
Bovendien is 2 jaar geleden door de EU aan het Hugo Nielsen Instituut
een subsidie toegekend voor de bouw van een groter onderzoekscentrum
om dit systeem nog verder te ontwikkelen.
Momenteel werkt hij samen met verschillende professoren en kankerspecialisten
in Denemarken.
Bij zowel de acupunctuur- als de Cellcom behandeling
komen er veel afvalstoffen vrij, die door het lichaam uitgescheiden
worden middels urine, ontlasting, zweet, slijm ( zowel slijm uit
de luchtwegen als vaginaal slijm). Dit betekent dat men veel moet
drinken, liefts zuiver water, ca. 2-3 liter per dag. Vaak is dit
in het begin moeilijk, maar de meeste patiënten merken na
verloop van tijd vaak dat ze automatisch meer gaan drinken omdat
ze meer behoefte hebben aan water. Wanneer de behandeling goed
op gang komt krijgt men vaak een droge mond.
Ook kan men merken dat de ontlasting of de urine meer gaat stinken
of van kleur verandert of dat het zweet een sterkere geur krijgt
gedurende een periode.
Iets anders wat kan optreden, is een verhoogde eetlust, zonder
dat daarbij het gewicht noemenswaardig toeneemt. Het lijkt erop
dat het lichaam het extra voedsel nodig heeft om zich weer op te
bouwen
3. ENKELE ERVARINGEN MET
HET HUGO NIELSEN SYSTEEM UIT MIJN EIGEN PRAKTIJK
Zoals genoemd in de inleiding heb ik gedurende ruim
2 jaar gewerkt met het Hugo Nielsen systeem. Zowel met zijn acupunctuursysteem,
als met het Cellcom Systeem.
Ik heb het bij allerlei patiënten met de meest uiteenlopende
kwalen toegepast, maar ik beperk mij hierbij tot de toepassing
bij de behandeling van kanker.
In het kort beschrijf ik hierna enkele patiënten uit mijn
eigen praktijk:
Patiënt 1
De eerste patiënt is een vrouw van 65 jaar, die in sept. ’99
de eerst keer bij mij kwam.
In juni van datzelfde jaar was bij haar een mammacarcinoom ontdekt
in de rechter mamma met metastasen in de lymfklieren supraclaviculair
aan dezelfde kant. Ze is toen eerst met cytostatica behandeld en
daarna heeft ze een borstsparende operatie gehad + radiotherapie.
3 weken later al, werden er metastasen in de huid van het bestralingsgebied
gevonden.
Er werd toen overgegaan tot volledige ablatio van de rechter mamma
en een groot gedeelte van de huid, waarna er huidtransplantatie
werd verricht.
Op het moment dat ze bij mij kwam had ze inmiddels weer metastasen
in de huid rondom het operatiegebied. Ze was 3 weken daarvoor gestart
met een nieuwe cytostaticakuur, waar ze erg misselijk en beroerd
van werd.
Haar voorgeschiedenis:
10 jr. geleden hernia nucl. pulp.lumb, niet geopereerd, op moment
redelijk goed.
10 jr. geleden periode met veel migraine, nu o.k.
17 jr. oud appendicitis met appendectomie
21 jr. oud tonsillectomie
De laatste jaren wat arthrotische klachten en af en toe wat periostpijn
op de beide scheenbenen.
Ik heb haar behandeld met acupunctuur: Ga 44, geprikt
volgens de Hugo Nielsen methode en ze reageerde mooi na 9-10 minuten
met een koude linker voet en wat zweterig onder dezelfde voet.
De rechter voet vertoonde dezelfde reacties maar wat later.
Ze heeft zichzelf vanaf de eerst behandeldag 3x per dag behandeld
met het Cellcom systeem op Le 2 en Ga 44.
Deze behandeling hebben we sindsdien voortgezet,
1x per week acupunctuur, hoofdzakelijk Ga 44 en Le2 en verder zelf
thuis het Cellcom systeem. Al vanaf de eerste week voelde ze zich
minder misselijk en kreeg ze meer energie.
In de afgelopen ca. 1,5 jaar, sinds ze de eerste keer bij mij kwam,
heeft ze zich erg fit en heel goed gevoeld. Er zijn wat oude klachten
naar boven gekomen, zoals rupgpijn etc, maar die zijn ook weer
relatief snel verdwenen.
Ca. 2 maanden geleden kreeg ze ineens rode vlekken
op de linker arm, voornamelijk de bovenarm en oksel. Dit waren
precies dezelfde rode vlekken waarmee bij haar beide keren de metastasen
aan de rechterkant begonnen waren. Dit was dus flink schrikken
voor de patiënt.
De specialist kon echter niets vinden en een paar uur later waren
de rode vlekken ook al een stuk minder, de volgende dag waren ze
totaal verdwenen. Dit verschijnsel is volgens het Hugo Nielsen
systeem een zeer goed teken, nl. dat het lichaam de zaken parallel
gaat “trekken”, waardoor de balans tussen links en
rechts weer hersteld wordt.
De patiënt voelt zich nu in prima conditie en leidt een zeer
actief leven.
Het moet verder opmerkelijk genoemd worden dat deze patiënt,
die toch een zeer aggressief mammacarcinoom had, gezien de tot
2 maal toe snelle metastasering, nu al ruim 1,5 jaar klachtenvrij
is.
Patiënt 2
Deze patiënt is ook een vrouw. Ze is sinds jan.2000 bij mij
onder behandeling en was toen 58 jaar oud. Bij haar was in 1986
een maligne melanoom op de rug verwijderd. Ze heeft daarna jarenlang
geen klachten gehad, tot juli’99, toen ze plotseling bloed
begon op te hoesten en er metastasen in de linker long werden geconstateerd.
De onderste kwab van de linker long is toen verwijderd, maar ca.
5 maanden later, in december ’99 werden er op de CT metstasen
in de rechter long gevonden plus een kleine subcutane haard in
de rechter mamma.
De patiënt was verder, behalve recidiverende bovenste luchtweginfecties,
alijd gezond geweest.
In januari 2000 zijn we gestart met de behandeling, eerst alleen
acupunctuur in Ga 44 en Cellcom op Le 2 en Ga 44 3x per dag thuis,
later naalden in Ga 44 en Le 2.
Op het moment, na ruim een jaar van wekelijkse acupunctuurbehandeling
en zelf regelmatig het Cellcom apparaat te hebben gebruikt zijn
de meeste metastsen in de rechter long stabiel, geen enkele is
groter geworden en één haardje was op de laatste
CT ( dec 2000) verdwenen.
De subcutane metastase in de rechter mamma is ook stabiel.
De patiënt is de hele tijd in goede conditie geweest, heeft
geen medicijnen gebruikt.
Ze heeft wel, zoals te verwachten in verband met de voorgeschiedenis,
perioden gehad met langdurige verkoudheden, die echter zonder al
teveel ongemak verlopen zijn.
Patiënt 3
De derde patiënt is ook weer een vrouw. Ze is nu 61 jaar oud
en bijna een jaar bij mij in behandeling. Ze heeft in ’87
mammacarcinoom gekregen aan de linkerkant. Ze is behandeld met
een borstsparende operatie en Nolvadex. Twee jaar later werden
er botmetastasen ontdekt, waarbij ze weer werd behandeld met Nolvadex
gedurenden enige tijd ( deze behandeling was in de tussentijd gestaakt,
vanwege bijwerkingen). Dit ging redelijk goed, tot ze in ’97
een heupfractuur aan de rechter kant kreeg.
Tijdens de operatie werden toen metastasen in de heup ontdekt en
bij nader onderzoek ook bovenop de schedel. Ze werd wederom met
Nolvadex behandeld, met blijkbaar goed effect.
In ’99 kreeg ze weer last van dezelfde heup en werden er
opnieuw metastasen in de heup ontdekt. Ze kreeg toen een gedeeltelijke
heupprothese en werd toen 5x in dit gebied bestraald.
Daarna is ze Nolvadex blijven gebruiken, maar in
het hele jaar voordat ze bij mij in behandeling kwam ( begin mei
2000) voelde ze zich bij perioden belabberd, had het veel koud,
veel kokhalzen, vaak migraine, was veel duizelig en had last van
oorsuizen, haar gewicht was sterk gedaald enz. Omdat men weer dacht
aan bijwerkingen van de Nolvadex is daar begin april 2000 mee gestopt
en toen knapte ze wat op, ze kreeg meer energie en eetlust.
Vlak daarop kreeg ze last van prikkelingen in de kin, bij MRI-
onderzoek werden metastasen in de hersenvliezen ontdekt en de metastasen
in de schedel waren groter geworden.
Echo van de lever was o.k. Ze had bovendien ook al een paar weken
last van flauwtes, waarbij ze bijna het bewustzijn verloor.
Er werd toen overgegaan tot bestraling van de schedel, dit heeft
ze totaal 6x gehad en tijdens deze periode kwam ze bij mij in behandeling.
Het ging toen tijdens de periode van radiotherapie, waarbij ik
haar tegelijkertijd behandelde met acupunctuur en ze zelf het Cellcom
systeem thuis gebruikte, redelijk goed, ze had wel last van bijwerkingen,
maar het was redelijk te doen. In de weken na de bestraling ging
het langzaamaan slechter omdat ze niet meer kon eten, vanwege ernstige
misselijkheid en een spasme in de maag en slokdarm. Bovendien kon
ze niet meer drinken, waardoor ze uiteindelijk na ca. 2 mnd. In
het ziekenhuis belandde vanwege dehydratie. Toen werd er pas toegegeven
dat de radtiotherapie overgedoseerd was. De patiënt is een
kleine en zeer tengere vrouw en men had hier onvoldoende rekening
mee gehouden bij het vaststellen van de readiotherapie.
Na 3 weken kwam ze weer bij mij terug, ze had in die tussentijd
wel het Cellcom systeem gebruikt. Ze heeft nog enige weken sondevoeding
gehad en het ging langzaam aan weer bergopwaarts. Ze kon na een
paar weken weer wat beter eten en ook het drinken, een vereiste
bij de behandeling volgens het Hugo Nielsen systeem, m.n. water,
ging stukken beter.
Ze heeft enkele maanden grote moeite gehad met lopen vanwege pijn
en zwakte in de rechter heup ( metastasen en prothese), maar dat
gaat nu stukken beter.
De laatste weken heeft ze heel veel pijn gehad in haar linker heup
en dijbeen, dit is na ca. 7 weken langzamerhand afgezakt en een
week later was de pijn bijna weg. Bij onderzoek bleek er duidelijk
sprake van meer botaanmaak in de rechterheup en de linker was helemaal
zonder afwijkingen. Dit is een duidelijk voorbeeld van wat Hugo
Nielsen “parallelverschuiving” noemt. Om de kant waar
afwijkingen zijn te herstellen krijgt men a.h.w dezelfde symptomen
aan de andere kant van het lichaam, het lichaam haalt daar a.h.w
kracht vandaan om te genezen. Ik heb dit fenomeen de laatste jaren
vaak waargenomen in mijn praktijk en mijn conclusie is, dat wanneer
dit optreedt, het duidelijk is dat het genezingsproces de goede
kant opgaat.
De patiënt voelt zich nu een stuk beter, kan redelijk goed
lopen en krijgt meer energie. Ze valt niet meer af en is niet meer
misselijk, duizelig enz. Alle medische controles zijn positief.
Patiënt 4
Dit betreft een man van 55 jaar. Hij kreeg in maart 2000 de diagnose
abdominaal mesothelioom. Behalve een slecht gehoor t.g.v. een dubbele
otitis media in zijn kindertijd, was hij altijd gezond geweest
en kreeg de laatste weken voor de diagnose ineens een steeds dikkere
buik, er werd ascites geconstateerd en daarna al snel mesothelioom.
Hij werd beoordeeld in het Anthonie van Leeuwenhoek ziekenhuis
in Amsterdam, waar men hem nog te goed vond voor cytostaticabehandeling.
Toen hij 6 weken later terugkwam werd er 11,5 liter
vocht afgetapt en werd er gestart met chemotherapie ( experimenteel).
De bedoeling was dat hij dit om de 3 weken zou krijgen, er zou
dan tegelijkertijd vocht afgenomen worden als dat nodig was.
Toen hij bij mij in behandeling kwam ( eind oktober 2000) had hij
4x chemotherapie gehad en was er elke keer ca. 5-7 liter vocht
getapt.
Hij had nauwelijks last van de cytostaticabehandeling, hij voelde
zich een paar dagen wat futloos en grieperig, maar daarna weer
in prima conditie.
Ik heb hem met het Hugo Nielsen systeem behandeld, 1x per week
en hij is zelf na ruim 1 maand begonnen met het Cellcom systeem.
Hij voelde zich de hele tijd goed. Begin november werd er weer
een CT-abdomen gemaakt, waarbij het erop leek alsof de verschillende
tumorlokalisaties iets in omvang afgenomen zijn. Dit beeld is tot
nu toe stabiel gebleven, ondanks het feit dat de chemotherapie
sinds eind januari is gestaakt vanwege daling van de ejectiefractie
en cardiotoxiciteit.
De patiënt heeft de laatste weken wat steken en prikkelingen
op verschillende plekken in de buik waargenomen en de ascitesproductie
lijkt ook af te nemen. Drie weken geleden werd hij wat grieperig
en de week erna kreeg hij koorts, afgewisseld met koude rillingen.
Dit heeft ca. 5 dagen geduurd en nu is hij weer opgeknapt, terwijl
de ascites nog steeds duidelijk minder is.
Dit laatste is een fenomeen dat ik ook vaker waargenomen heb bij
deze behandelingsmethode, nl. dat patiënten, wanneer blokkades/resten
van oude ziekten/het kwaadaardige ziekteproces zelf, worden opgeruimd,
vaak een periode doormaken van “grieperigheid”, koude
rillingen, vaak zonder, maar soms met koorts en erge vermoeidheid.
De duur hiervan is variabel, soms een paar dagen, soms, wisselend
in intensiteit, een paar weken. Uit mijn (beperkte) ervaring is
gebleken dat dit ook een positief teken is wat het genezingsproces
betreft.
Patiënt 5
De laatste patiënt die ik wil noemen is weer een vrouw. Ze
is 47 jaar en bij haar werd in ’98 mammaca. aan de rechter
kant ontdekt. Ze was verder altijd gezond geweest, wel was ze aangeboren
doof aan de linker kant. De rechter mamma is toen verwijderd en
ze kreeg chemotherapie en bestraling. In ’99 heeft ze preventief
haar linker mamma laten verwijderen aangezien ze een erfelijke
vorm van mammaca. had ( haar moeder is op 50-jarige leeftijd aan
deze ziekte overleden, haar zus is er ook aan overleden)). In juli
2000 werden er metastasen aan de beide ovariae, het peritoneum
en in het skelet ( schedel, ribben, wervels, schouder) ontdekt.
De beide ovariae werden verwijderd en ze werd behandeld met chemotherapie
en hormonen.
Op dit moment (oktober 2000) kwam ze bij mij in behandeling. Ze
werd net als de voorgaande patiënten, 1x per week behandeld
met acupunctuur volgens het Hugo Nielsen Systeem en gebruikte zelf
thuis 3x per dag het Cellcom systeem. Ze merkte direct na de eerste
week al dat ze meer energie kreeg. Bij medisch onderzoek in november
bleek de toestand stabiel en bij een scan in januari 2001 bleken
de skeletmetastasen te zijn afgenomen, de X- thorax en de echo
van de lever zonder afwijkingen.
De toestand van de patiënt is gestaag beter geworden en sinds
half december 2000 is ze weer een aantal uren per week op therapeutische
basis aan het werk.
Ik wil het bij deze voorbeelden laten, ik kan er
nog meer noemen, maar ze zijn als illustratie bedoeld en geenszins
als bewijs.
Ik heb bewust gekozen voor voorbeelden uit mijn eigen praktijk,
omdat ik makkelijk enige patiënten uit de praktijk van Hugo
Nielsen had kunnen bespreken, waarbij de resultaten
misschien meer spectaculair geweest zouden zijn, maar het leek
mij belangrijk aan te duiden dat zijn systeem overdraagbaar is
en dat niet alleen hijzelf resultaten boekt, maar ook anderen.
Dit ondanks het feit dat ik pas ruim 2 jaar met het Hugo Nielsen
systeem werk en men dit systeem pas na jaren goed “ in de
vingers heeft zitten”. Maar, zoals Hugo Nielsen zelf vaak
zegt, er is geen betere leerschool dan de praktijk. Van elke patiënt
leert men weer opnieuw.
4. CONCLUSIE
Zoals uit het voorgaande blijkt, lijkt het erop dat het Hugo Nielsen
systeem zeer veel kan betekenen voor mensen met kanker, ook voor
mensen, waarbij men medisch gezien denkt dat er geen behandelingsmogelijkheden
meer zijn. Dit blijkt nog duidelijker uit de resultaten van Hugo
Nielsen zelf, waarvoor ik verwijs naar de literatuurlijst.
Ik ben mij ervan bewust dat ik pas korte tijd (ruim 2 jaar ) ervaring
heb met de methode van Hugo Nielsen en dat het aantal voorbeelden
dat ik gegeven heb zeer beperkt is en dat bovendien een periode
van een jaar of slechts enkele maanden of weken in het verloop
van een kankerproces vaak erg kort is om er eenduidige conclusies
uit te trekken. Ik heb mijn eigen patiënten juist als voorbeeld
genomen om duidelijk te maken dat men met het Hugo Nielsen systeem
al zeer snel mensen met ernstige levensbedreigende ziekten, zoals
kanker kan helpen, zonder dat men volledig volleerd is in deze
methode en dat het daarom zeer jammer zou zijn om dit na te laten.
Natuurlijk moet men dit niet zomaar op eigen houtje doen en ik
heb dan ook geregeld contact met Hugo Nielsen en mijn collega’s
in Noorwegen.
Voor mij en een aantal collega’s in Scandinavië en een
aantal andere landen is het duidelijk dat het Hugo Nielsen systeem
een objectief overdraagbaar systeem is, dat een revolutionaire
verandering teweeg kan brengen bij de behandeling van kankerpatiënten.
5. SAMENVATTING
In het voorgaande wordt een poging gedaan om het
Hugo Nielsen systeem te beschrijven. Dit systeem bestaat uit 2
pijlers. Te weten acupunctuur, dus de behandeling met naalden en
het Cellcom systeem, een apparaat uitgevonden door Hugo Nielsen.
Vervolgens worden enige voorbeelden uit de praktijk gegeven.
Uit de conclusie blijkt dat deze methode zeer veel kan betekenen
voor mensen met ernstige levensbedreigende ziekten, m.n kanker
en dat het een duidelijk overdraagbare methode is.
6. STELLINGEN
Stellingen:
1.Het Hugo Nielsen systeem is overdraagbaar.
2. Met het Hugo Nielsen systeem kan men veel doen
voor mensen met ernstige ziekten, zoals
kanker, ook al zegt de reguliere medische wetenschap dat er niets
meer “aan te doen is”
3. Hugo Nielsen is zelf geen arts, maar een zeer
ervaren acupuncturist, die zeer veel kennis
heeft van biochemie, fysiologie, pathologie enz. en die samenwerkt
met professoren van
verschillende universiteiten in Denemarken en andere landen en
zou op grond daarvan en
op grond van zijn eigen behandelingsresultaten, zijn onderzoeksresultaten
en het feit dat de
EU hem subsidie heeft toegekend voor de bouw van een eigen onderzoeksinstituut,
door de
NAAV moeten worden uitgenodigd om cursus te komen geven over zijn
systeem in
Nederland.
7 SUMMARY
In this article I try to give a description of the
Hugo Nielsen System. This is build on 2 columns, knowing: acupuncture
with needles and the Cellcom System, a little apparatus, made by
Hugo Nielsen.
After this, I describe some cases from my own practice treated
with this system. From the conclusion it appears to be a system
with great potencies in the treatment of serious lifethreatening
diseases, such as cancer and it seems also that the method is clearly
transferable.
8. Literatuurlijst
1. Hugo Nielsen (2000), Cell Com System, brukerveiledning for.
Forlaget Lope. ISBN 87- 982768-8-3
2. Jesper Madsen (1999), Hugo’s nåle, det alternative
gennembrud. Forlaget Hovedland, Højbjerg,Danmark ISBN 877739
425 9
3. Prof. Svetoslav Danev (1999), My opinion about Hugo Nielsen
and his method. Sofia, Bulgaria
4 S. Danev, H. Nielsen (1998), Quantum energy healing
model- some new experimental supports. Annual Congress of International
Medical Association “Bulgaria”, Varna.
2. S. Danev (1997), About the theoretical backgroumd
of Cellcom curative potency. Sofia, Bulgaria
3. .H. Nielsen, S Danev (1996), Improvement of common
functional status in cancer patients by Hugo Nielsens curative
system. Gram, Danmark.
4. S. Danev, S Svetoslav, E. Datzov (1997), A chronic
decrease of heartrate variability can precede some cases of cancer.
3rd World congress on cancer, Darwin, Australia.
5. S. Danev (1997), Clinical application of Cellcom
to the the treatment of 42 migraine cases. Sofia, Bulgaria.
6. S. Danev, E.Datzov, M. Hristova, M. Svetoslavova,
K. Engel (2000), Prel;iminary Investigations of Cellcom curative
potency, Sofia, Bulgaria/ Gram, Danmark.
7. H.Nielsen, S. Danev, K. Engel, Contribution to
the theoretical background of Cellcom System. Gram, Danmark.
8. J. Döör, (2000), The Santiago Theory
and the Hugo Nielsen System- compares from the praxis of dialectical
experimentalism. Odense, Danmark.
9. J. Döör (2000), Hugo Nielsen’s
System and Ruper Sheldrake’s Theory- an exposition seen from
the praxis of dialectical experimentalism. Odense, Danmark
overzicht scripties
beginpagina
|