NAAV
Navigatie
Informatie over additieve geneeswijzen
printversie deze scriptie

Multiple Sclerose


“Absence of evidence is certainly not evidence of absence” 
Donald H Gilden. Infectious causes of MS- Lancet Neurol 2005;4:195-202   

Auteur: P.P.J.  Vandenbulcke, Tandarts


Inhoudsopgave

I. Inleiding: probleemstelling 

II. Omschrijving van het ziektebeeld

  1. Wat is MS?
  2. Geschiedenis
  3. Klinische klachten
  4. Etiologie en  Incidentie
  5. Diagnose/ mogelijke testen
  6. Differentiële diagnose
  7. Ziekteverloop

III. Behandeling volgens Westerse optiek
 
  1. Medicamenteuze behandeling

  2. Dieet

  3. Conclusie uit Westerse therapie

IV. Behandeling volgens Oosterse optiek

   1. Volgens G. Maciocia

       A. Twee basispatronen
           1) Damp- flegma met Milt deficiëntie
           2) Lever- en Nier deficiëntie
       B. Aanvullende behandelmogelijkheden
       C. Casus

    2. Volgens J. Ross

    3. Conclusie uit Oosterse therapie

V.  Slotbeschouwing

VI.  Final conclusion - Summary

VII. Literatuurlijst 

 

I.Inleiding: Probleemstelling

 

Multiple Sclerose (MS) is een mysterieuze ziekte, waar de reguliere Westerse geneeskunde vandaag nog geen afdoende therapie voor heeft. Hoe dieper men delft, des te complexer het probleem wordt. De oorzaak kon nog niet met zekerheid worden vastgelegd en de immunologische pathway is behoorlijk complex en wordt heden intens bestudeerd.
Met deze scriptie toon ik aan dat de Traditionele Chinese Geneeskunde (TCM) de levenskwaliteit van de mensen met MS duidelijk verbetert en dat de Westerse geneeskunde (voorlopig) voornamelijk de klachten onderdrukt.
Aan de hand van de literatuur en een patiëntbespreking zal ik de Westerse en de Chinese geneeskundige diagnose en therapieën m.b.t. MS in kaart brengen. Wat kunnen beide er aan bijdragen om het leven van mensen met MS kwalitatief te verbeteren?
Getracht wordt een combinatie te vinden tussen een “Westerse “ benadering van de motorische en sensorische problemen met de gekende uitvalsverschijnselen en de Chinese acupunctuur met zijn filosofie over energiestromen die geleid worden door de Meridianen.
Is dit een utopie of dé toekomst? Vooruitgang ligt eenmaal in het exploreren van nieuwe wegen. In het Westen is er nood aan vaststaand bewijs vooraleer nieuwe inzichten tot uitgestippelde behandelwegen leiden. Ook al kan je dingen veranderen, toch is het erg lastig om dit wetenschappelijk aan te tonen. Toch wordt deze weg langzaamaan bewandeld als meer en meer Westerse artsen zich open stellen voor eeuwenoude, langbeproefde Oosterse denkpatronen.

Ik heb MS als onderwerp gekozen omdat dit een ziekte is die in onze contreien betrekkelijk veel voorkomt en ik diep getroffen wordt door het onvoorspelbare gedrag van deze ziekte bij vrienden, patiënten en kennissen.
Eerst geef ik een uitvoerig verslag van hoe deze ziekte zich manifesteert, ga wat dieper in op de psychologische impact ervan en bespreek de invloed op de sociale factoren rondom de patiënt. Dit is van groot belang voor elke behandelaar, verzorger of vriend van MS patiënten om de psychische toestand van de patiënt te kunnen begrijpen.
Daarna bekijk ik hoe men dit traditioneel Westers diagnosticeert en  behandelt.
Vervolgens beschrijf ik de Oosterse aanpak: Wat kan TCM eraan doen om vervelende symptomen te verzachten of te doen verdwijnen? Wat doet ze meer dan de Westerse aanpak?

 

II.Omschrijving van het ziektebeeld

1. Wat is MS?

Multiple Sclerose (MS) is een ongeneeslijke chronische, neurologische aandoening, die meestal tussen de 18 en 40 jaar begint en is de meest voorkomende ‘demyelinisatie-ziekte’ in de meer ontwikkelde gebieden van deze wereld. Hierbij ontstaan ontstekingen in de myelineschede, het omhulsel dat de zenuwvezels in het centrale zenuwstelsel isoleert. De ontstekingen en de littekens die daarvan overblijven, veroorzaken storingen in de verwerking van de signalen van en naar de hersenen of het ruggenmerg. Hieruit komen klachten voort die echter vaak weer afnemen of zelfs verdwijnen als de ontsteking voorbij is. Zijn er echter littekens (plaques of scleroses genoemd) ontstaan dan kunnen bepaalde klachten blijvend doorwerken(1).
Deze ziekte komt praktisch gezien enkel voor in gematigde en koude luchtstreken: boven de 40ste noordelijke breedtegraad en beneden de 40ste zuidelijke breedtegraad. Vrouwen worden vaker aangedaan dan mannen.

De naam Multiple Sclerose betekent: op meerdere plaatsen verharding van het weefsel (1).
De ontstekingen kunnen op verschillende plaatsen zitten en op variabele tijden opspelen. Men spreekt dan van terugvallen en remissies. Perioden van invaliditeit (terugvallen) worden gevolgd door periodes van herstel (remissies). Dit is een van de belangrijkste kenmerken van MS en dé reden dat de ziekte tot zeer uiteenlopende klachten kan leiden en dat perioden met ernstige klachten worden afgewisseld met tijden zonder problemen. Dit vormt de basis van de klinische diagnose van MS.

Recente onderzoeken waren gericht op het omringende slijmerig weefsel rondom de neuronen in de hersenen en centrale wervelkolom (CWK). De omringende glia (een ‘slijmlaag’ rondom de neuronen, waarin ook celkernen voorkomen en welke hét onderwerp van studie uitmaakt in de meest gerenommeerde neuro- research laboratoria van de US) worden vandaag gezien als dé bron van mechanismen voor de goede werking van de neuronen en tevens als veroorzakers van tal van ziekteprocessen. In het geval van ernstige autoimmune ziekten zoals MS en bij  neuropathische pijnen zijn onderzoekers ervan overtuigd dat ze een grote rol vervullen (11).
In de eerste fases van de ziekte ziet men meer ontstekingen rondom de neuronen, later is er meer ‘astrogliosis’(10). Dit is een ontsteking van een soort van gliacellen in de slijmerige steunweefsels rondom neuronen en axonen. Er zijn 3 soorten glia bekend: de oligodendrocyten, de astrocyten en de microglia (11). Daar worden hoge concentraties aan  IgG gevonden rondom de plaques bij 90% van de  mensen met MS: dit wordt als het meest belangrijke aanwijspunt van een oorzakelijke infectie beschouwd (10). Er werd ook reeds aangetoond dat er eerst myeline destructie plaatsvindt vóór de infectie en niet omgekeerd, zoals eerst werd gedacht (11).
PML (Progressieve Multifocale Leuco-encefalopathie) is tot op heden de enige demyelinisatie-ziekte, waarvan vaststaand werd bewezen dat ze veroorzaakt wordt door een virus. Het menselijk Papovavirus (JC virus) werd hier aangetoond in de oligodendrocyten (10).
Na zorgvuldig onderzoek gedurende tientallen jaren werd  nooit  enig infectieus agens aangetoond in de centrale zenuwstreng van de CWK (CNS) van MS patiënten.
Dr. D.H. Gilden, Hoofd van het Departement Neurobiologie aan de Universiteit van Colorado, gaat er dan ook van uit dat op basis van de hier aangetroffen oligoclonal bands (IgG) een andere pathofysiologische weg gevolgd wordt, geïnduceerd door een infectie (12).


2. Geschiedenis

MS is slechts iets meer dan 100 jaar als ziekte bekend. In 1868 legde de Franse neuroloog J. M. Charcot voor het eerst het verband tussen symptomen die sommigen van zijn patiënten vertoonden en een bepaalde beschadiging van de hersenen en het ruggemerg, die na hun dood bij hen werd ontdekt. Charcot noemde het aanvankelijk ‘verspreide sclerose’. Charcots patiënten waren ernstig aangetast en de eerste tekenen van de ziekte die hij beschreef waren ‘intentie tremor’, ‘scanning speech’ en een medische toestand, genaamd ‘nystagmus’. Met deze laatste term wordt bedoeld het snel heen en weer bewegen van de ogen, dat vaak optreedt als iemand met MS van de ene naar de andere kant opkijkt.
Uit Charcots diagnose werden MS en ALS (Amyotrofische Laterale Sclerose) gedifferentieerd. ALS is een ongeneeslijke neuromusculaire aandoening, die mensen treft van middelbare en hogere leeftijd. Ze wordt gekenmerkt door uitval van motorische neuronen, welke leidt tot een progressieve spierzwakte. De oorzaak is tot op heden onbekend.  Mannen worden anderhalf keer zoveel door ALS getroffen als vrouwen. Herkenning (= diagnosticering) is vaak pas mogelijk als de ziekte zich naar meer dan één lichaamsdeel heeft uitgebreid. ALS tast de geestelijke vermogens en het gevoel niet aan, evenmin als de zintuigen of de werking van darm en blaas. Wel worden uiteindelijk álle spieren, behalve de hartspier aangedaan (3).


3. Klinische klachten
MS is een gecompliceerde ziekte en geen twee mensen zullen ooit precies dezelfde symptomen hebben. Deze ziekte kan mensen op zeer veel manieren aantasten. Omdat deze beschadigingen steeds op andere plaatsen en bij patiënten op verschillende momenten voorkomen is deze aandoening totaal onvoorspelbaar qua intensiteit en verloop. Soms krijgt een persoon slechts heel weinig symptomen; als hij echter (door welke oorzaak dan ook) sterft, kan er desondanks veel demyelinisatie en sclerose worden gevonden. Aan de andere kant kunnen soms slechts enkele littekens op belangrijke plaatsen in de hersenen of het ruggenmerg, ernstige invaliditeit betekenen.
De klinische symptomen die we geregeld zien voorkomen bij MS zijn vermoeidheid, prikkelingen of doof gevoel in armen en benen (hyperesthesie), pijn, oogklachten met wazig zicht, dubbelzicht of neuritis optica, problemen met lopen, spierzwakte, spierkrampen en spasmen, soms tremoren, ataxie waarbij de coördinatie fout loopt, maar de spiersterkte behouden blijft; stijfheid in armen en benen, evenwichtsverlies, spasticiteit, frequente micties, incontinentie, retentie van urine, spraakproblemen, concentratieproblemen, constipatie, seksuele problemen, slaapproblemen, stoornissen van het gevoel, evenwichtsverlies, stuurloosheid en na verloop van tijd oedeem en decubitus.
Patiënten omschrijven hun klachten als volgt: moe als nooit tevoren, wankelend lopen, strompelen, niet meer zeker kunnen stappen, tegen mensen aanlopen zonder dit te willen, het gevoel hebben dat de grond beweegt onder de voeten zoals een schommelende boot, alsof jouw lichaam een paar tellen achter jouw geest aanholt, snel geïrriteerd, geërgerd, krachtverlies, plotse huilbuien zonder enige aanleiding, plots voorovervallen, depressieve buien, beseffen dat “iets” goed mis is, het lichaam doet niet meer wat men wilt, “een merkwaardig gevoel van onzekerheid dat over je komt”, zware benen, zo zwaar dat enkel nog kan gesleept worden met de voeten en dat trappen oplopen al helemaal niet meer kan, soms hevige gelaatspijn, het gevoel hebben verlamd te zijn….
Afwijkende symptomen: het is zinvol hier op te merken dat sommige symptomen die mensen met MS meemaken, moeilijk te omschrijven zijn, of dat deze mensen ze liever niet noemen uit angst uitgelachen te worden. Een voorbeeld in dit aspect van de ziekte is het opkomen van urgente micties, waardoor patiënten zich snel gehinderd voelen bij sociale contacten. Zo kan het even goed gebeuren dat iemand het gevoel krijgt dat er snel moet geplast worden en dan komt er…. niets! op het ogenblik dat er moet/ kan geplast worden. Erg vervelend voor alle betrokken partijen. Zorgverleners – die soms het gevoel krijgen dat men hen aan het lijntje aan het houden is - moeten leren om met deze ‘gekke’ symptomen om te gaan. Volgens onderzoekers zijn er heel wat ingewikkelde neurologische verbindingen tussen nier en blaas en kunnen kortsluitingen in deze banen voor deze ongewone symptomen zorgen. Begrip opbrengen voor onbegrijpelijke dingen…is nooit eenvoudig.


4. Etiologie en Incidentie

De oorzaak van de symptomen zijn de littekens in de hersenen en het ruggemerg, welke ontstaan na ontstekingen en deze leiden tot het verlies van het ‘myeline weefsel’. Dit weefsel omhult iedere zenuwvezel en helpt bij het zenuwgeleidings- transport. Hierdoor zullen deze transporten gehinderd worden, vertraagd worden of helemaal niet meer door de vezel heenkomen als deze omhulsels beschadigd zijn.
De oorzaak van MS is tot op heden onbekend. Meest waarschijnlijk is de oorzaak van MS een virusinfectie. Dit omdat meer dan 90% van de patiënten met MS een hoge concentratie hebben van IgG, dit zijn de ‘oligoclonal bonds’, de antibodies voor de ziekteverwekker. Verscheidene micro-organismen worden onder verdenking gesteld. Vandaag zijn vooral Chlamydia Pneumoniae, Herpes, vooral HHV-6, EBV, Retrovirussen, Coronavirussen en JC virus onderwerp van onderzoek.
Leidende theorieën geven aan dat  MS een virus-triggered immunopathologie kent met een “waarschijnlijke” auto-immune component. Daarmee geeft men aan dat ook een beschadiging van de myeline door het eigen afweersysteem een rol spelen. Dit is dan een ‘auto-immuun-reactie’ en deze is ook kenmerkend voor andere ziekten dan MS.
Naar schatting zijn er in Nederland een 15.000 personen en in België een 12.000 (MS Liga Vlaanderen) die aan MS lijden. Dit betekent dat ongeveer één op de duizend mensen de ziekte heeft.
Op de vraag of een erfelijke factor meespeelt, ziet men na grondig onderzoek bij ééneiige tweelingen, dat men steeds meer voelt voor een combinatie van een virusinfectie bovenop een gepredisponeerde genetische achtergrond.
Men vermoedt meer en meer dat het veroorzakende agens in de jeugd het lichaam binnendringt en pas later (latente reactie) actief wordt. Alhoewel nooit een infectieus agens werd gevonden in de hersenen bij mensen met MS, is dit toch de enige mogelijke link voor dergelijke CNS- beschadiging (Dr. D.H. Gilden). Het kan ook zijn dat mensen met MS meer vatbaar zijn voor één of meerdere types van virussen. Omdat erfelijke factoren een defect in het afweersysteem tot gevolg kunnen hebben, kan het feit dat virussen te lang in het lichaam blijven, gecombineerd met de niet aflatende poging van het lichaam om zich hiervan te bevrijden leiden tot schade aan het zenuwstelsel.
 Westerse onderzoekers gaan steeds dieper op deze materie in, zoals blijkt uit huidig onderzoek: de Glia komen nu duidelijker in beeld. Daar waar men vroeger dacht dat dit slijmerig omhulsel enkel als ondersteunende weefsel diende voor de neuronen, begint men nu in te zien dat de glia meerdere functies hebben. Ze helpen bij het elektrisch transport van impulsen bij gevoel, beweging en gedachte. Ze komen vele malen meer (soms 10 x) voor dan neuronen in de hersenen en hun aantal varieert van plaats tot plaats (11). Ze spelen een grote rol in de ontwikkeling van de hersenen, waarbij ze neuronen begeleiden in de vorming en aanleg. Ze regelen bovendien de synapswerking. Hierbij zorgen ze levenslang voor het vrijzetten van neurotransmitters en andere stoffen, die de sterkte van de synapsen beïnvloeden (belangrijk voor het leerproces). Ze zorgen er dus voor dat neuronen kunnen overleven en dat nieuwvorming van neuronen geprikkeld wordt!
Er werden 3 types van glia ontdekt: 1) de Oligodendrocyten: deze zorgen voor de aanmaak en onderhoud van de myelineschede rondom de neuronen. 2) de Astrocyten: deze maken een integraal onderdeel uit van de synapsen en 3) de Microglia: deze zijn de immuun systeem–helpers van het zenuwstelsel. Zij vechten tegen infecties, maar hierbij maken ze diverse componenten aan die de zenuwgeleiding kunnen verstoren en/of beschadigen. Tegelijk kunnen ze neuronen helpen te overleven of zelfs de nieuwvorming van neuronen of synapsen stimuleren (11).

Activatie van autoreactieve T-cellen is meer dan waarschijnlijk een cruciaal gebeuren in de initiatie van MS (12). Dit algemeen vermoeden is echter nog niet bewezen en wordt tevens in vraag gesteld. Laatst werd nog een ‘dogma’ neergehaald: lange tijd werd gedacht dat  er bij MS een auto-immune malfunctie was, waarin auto-immuun cellen de oligodendrocyten aanvallen.
Glia-cellen werden steeds als ‘slachtoffers’ gezien in dit proces. Nu ziet men meer en meer dat deze oligodendrocyten van binnenuit beschadigd worden. Er is dus sprake van een auto-destructie binnenin de oligodendrocyten, terwijl men haast geen T-cellen aantrof rondom de beschadigde myelinestructuren.
Als men echter de directe activatie van autoreactieve T-cellen in vraag stelt, hoe komt deze dan tot stand op indirecte wijze? Hiervoor denkt D.H. Gilden aan het mechanisme van molecular mimicry (12). Dit wordt gekenmerkt door een immuunreactie op antigenen van micro-organismen. Hierbij gebeurt iets bijzonder nl. de peptidenstructuur van de microbiële proteïnen vertonen voldoende structurele identiteit zodat ze gelijken op de peptiden van de eigen eiwitten van het lichaam, in casu de myeline-eiwitten. Geactiveerde T-cellen kunnen zich dus vanaf nu vergissen, ze vallen niet enkel de vreemde peptidenstructuren aan, maar ook de lichaamseigen structuren. Het volstaat soms om enkele kritische aminozuren gemeen te hebben om dergelijke reactie (vergissing) mogelijk te maken. De vraag waarmee men vandaag graag een antwoord wil is: kunnen EBV- geactiveerde T-cellen de myelinestructuur aanvallen, zelfs als de EBV niet zijn doorgedrongen in de CNS? Als hierop ja geantwoord moet worden, besluit D.H. Gilden dat het heel waarschijnlijk is dat er een indirect effect plaatsvindt door activatie van autoreactieve T-cellen buiten de CNS, gevolgd door een penetratie van deze cellen in de CNS, waarna molecular mimicry plaatsvindt tussen virale- en myelineproteïnes met als gevolg restimulatie van de cross-reactieve T-cellen. Dr. Gilden besluit dat het in de toekomst met de moleculaire analyse van IgG in de CSF  mogelijk moet worden om de oorzaak van MS in B-cellen bloot te leggen (11).
Christopher Power, een neuroviroloog aan de Calgary-Universiteit in Canada toont in oktober 2004 (in Nature Neuroscience)  aan dat een gen ‘overactief’ wordt in de astrocyten bij MS patiënten en deze spelen dus een onverwachte rol in de pathogenese van MS (11). Hij test nu met humane bloedcellen op proefdieren een component uit dat dit gen moet blokkeren in zijn werking (11).
Microglia komen steeds meer naar voor als medespelers in het hele proces. Lange tijd onbekend blijken ze nu een sleutelrol te spelen in allerlei hersenaandoeningen zoals epilepsie, depressie, dementie, Alzheimer, Parkinson, angst en schizofrenie. Zij worden verantwoordelijk gehouden voor het ontstaan van neuropatische pijnen zegt L. Watkins ( Universiteit van Colorado), welke voorkomen bij zenuwbeschadiging geïnduceerd door  trauma’s, chirurgie, virale infecties en chemotherapie. Watkins toonde ook aan dat deze pijnen niet enkel te wijten zijn aan verstoorde communicatie tussen neuronen, zoals altijd werd gedacht.  Er zijn tekenen dat bij neuropatische pijn de neuronen hypergeëxiteerd worden, doordat de microglia geprikkeld worden en prolifereren en daar, vooral bij de axonen een hele rits ‘signaalmolecules’ produceren, welke tot deze klachten aanleiding geven, die niet te verzachten zijn met de traditionele pijnstillers (11).
R. D’Ambrosio, Neuro-wetenschapper aan de Universiteit van Washington en G. Rajkowska, Neuro-anatomist aan de Universiteit van Mississippi menen dat glia de therapietargets van de toekomst worden: “ze kunnen zo goed als elk effect van neuronale excitabiliteit en functie beïnvloeden, alsook neuronen beschadigen en/of eventueel vernietigen.”(11)
De meeste mensen met MS of een andere autoimmune aandoening hebben een bijna-normale levensverwachting. De levensverwachting is iets lager dan gemiddeld omdat vooral mensen met grote uitvalsverschijnselen door MS sneller vatbaar zijn voor andere ziekten. Niettemin lijden sommigen aan de ernstige, therapieresistente progressieve vorm van autoimmuniteit die een slechte prognose biedt. Vooral voor deze patiënten zou haematopoiëtische stamceltransplantatie (HCT) een potentiële uitkomst bieden.
Haematopoiëtische stamcellen (dit zijn cellen die nog kunnen overgaan tot zelfreproductie en ook tot productie van alle types van bloed- en andere cellen) kunnen, naast het gunstig beïnvloeden van dodelijke ziektes als Leukemie en Lymphoma’s, nu ook ernstige auto-immuun ziektes als MS en therapieresistente Rheumatoïde Arthritis gunstig beïnvloeden. Studies met proefdieren tonen aan dat hierbij een omkering van de auto-immuniteit kan optreden. Uit testen met proefdieren leren we dat Auto-HCT hierbij het meest succesvol is in de beginstadia van de ziekte, terwijl dit in de latere fases haast geen effect meer heeft. De uitkomst van aan de gang zijnde klinische testen zullen bepalend zijn voor de toekomst van deze werkwijze (M. Sykes & B. Nikolic)(13).


5. Diagnose/ mogelijke testen

De belangrijkste periode waarin de capaciteiten van de arts vaak tot het uiterste op de proef worden gesteld is die van de diagnosestelling. Waarom is de diagnose zo moeilijk?
Er moeten steeds aan een aantal criteria aanwezig zijn vooraleer men met zekerheid kan stellen of men met MS of depressie of een andere psychische aandoening te maken heeft. Bovendien komt de patiënt steeds met allerlei andere klachten (vaak uit de huiselijke en/of werksfeer) naar voor die het juiste beeld verstoren. Huisartsen vinden het ook vaak moeilijk om problemen te benoemen als iets van psychische aard vanwege de vooroordelen.
Vanwege de alledaagsheid van en de grote variatie van de klachten, die bij MS kunnen optreden, is het voor de artsen vaak moeilijk om de diagnose te stellen. Soms lopen mensen al jaren met klachten voordat medici een naam aan de aandoening kunnen geven. Bovendien: er bestaat ook geen onderzoek dat met 100% zekerheid kan bepalen of iemand MS heeft. De diagnose wordt gesteld als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Vaak zijn echter bij mensen met MS niet alle voorwaarden aanwezig en kan MS niet met zekerheid worden vastgesteld.
Artsen spreken dan van “waarschijnlijke” of “mogelijke”MS. Mensen blijven hierdoor vaak lang in onzekerheid over hun aandoening.
Eén zaak staat als een paal boven water: de eerlijkheid van de arts bevordert de arts- patiënt relatie en zorgt er uiteindelijk voor dat de patiënt een groter vertrouwen in de arts zal stellen.

Welke testen kunnen uitsluitsel geven?

  • CT-scan met een contraststof in de aderen

Dit is een onderzoek waarbij een smalle bundel RX- stralen in een halve cirkel rondom het te onderzoeken lichaamsdeel draait, in het geval van MS de hersenen. Nadat de stralen door dit lichaamsdeel zijn gegaan worden ze opgevangen en d. m. v. een contrastbeeld verwerkt. Aan de hand van deze beelden kunnen dan abnormale structuren binnen dit orgaan of lichaamsdeel ontdekt en gelokaliseerd worden. Deze methode levert nog niet voldoende details op en wordt slechts beperkt toegepast.

  • Visual Evoked Response Test (VER)

De te onderzoeken persoon wordt een frequent herhaalde sensorische prikkel aangeboden. Dit roept een verandering op in de elektrische activiteit van een bepaald deel van het zenuwstelsel. Deze worden gemeten d. m. v. speciale elektroden op de schedel. Men meet vervolgens de tijd die het ‘bericht’ nodig heeft om van de ogen in de occipitale cortex te komen en vervolgens wordt alles in grafiek gezet. Dit beeld wordt dan vergeleken met het beeld van mensen zonder MS. Op die manier kunnen abnormaliteiten in de overdracht van signalen in het zenuwstelsel worden ontdekt die kunnen wijzen op MS. Als er geen bewijs is van vertraging in de VER, sluit dit de diagnose van MS (nog) niet uit.

  • Myelogram

Deze wordt gemaakt om de mogelijkheid van een tumor in het ruggemerg uit te sluiten. Dit is een speciale soort röntgenfoto van het ruggemerg met contrastvloeistof.

  • Lumbale punctie (LP)

Deze punctie voor afname van hersenvocht (LCS) laat in het geval van MS een abnormale hoeveelheid witte bloedcellen en immuuneiwitten (IgG) zien. Hieruit kan geconcludeerd worden dat er uitzonderlijk veel myeline weefsel werd afgebroken. Hierdoor ontstaat er een statische elektriciteit in het centrale zenuwstelsel, waardoor boodschappen worden verstoord, vandaar de motorische en sensorische problemen.

  • Nuclear Magnetic Resonance scanner of NMR – scanner

Hierdoor wordt de “plaque” aangeduid, dat is het gedeelte van de hersenen en het ruggenmerg, welke is aangedaan. Hiermee kunnen gedetailleerde beelden worden verkregen van bijna ieder stukje van het lichaam. I. p. v. potentieel gevaarlijke bestraling toe te passen, maakt men hier gebruik van een onschadelijk magnetisch veld en radiogolven. De NMR zal waarschijnlijk de diagnosestelling voor MS in de toekomst radicaal verbeteren, maar het zal nog enige tijd duren voor hij overal kan worden toegepast.

Een keer de juiste diagnose gesteld is, gaat onze zorg uit naar de MS patiënten van vandaag. Er moet nu iets gedaan worden om de kwaliteit van de MS patiënten te verbeteren. We moeten ze leren omgaan met de onzekerheid en de ongemakken, zodat ze zich kunnen doorzetten met een positieve ingesteldheid. Maar als het enigszins kan, moet men er alles aan doen om de ongemakken af te remmen of zelfs te stoppen. Hier kan TCM haar waarde bewijzen.


6. Differentiële Diagnose
Dient gesteld te worden met CVA, hersentumor, ALS en psychische problemen.
De differentiële diagnose wordt gesteld met behulp van het klachtenpatroon, het neurologisch onderzoek, het bloedonderzoek en aan de hand van hierboven genoemde testen.
Ik bespreek hier de differentiële diagnose met depressie, vanwege de stijgende incidentie.
Vooraleer een arts de diagnose depressie kan stellen heeft hij/ zij naast de ‘lichamelijke’ ook de psychologische signalen nodig. Uitsluitend de psychologische kunnen ook, alleen de lichamelijke echter niet. Hiervoor hanteren artsen wereldwijd ofwel het DSM- classificatie systeem, de Diagnostic Statistical Manuals (DSM-III of DSM-IV) ofwel de ICD-10, het Internationaal Classificatie systeem.
Twee symptomen worden vaak herkend bij depressieve mensen:
1. Sombere, moedeloze, neerslachtige stemming, die de hele dag duurt en die minimaal al twee weken aanhoudt.
2. Interesseverlies of verlies van plezier in het leven in de ruimste zin van het woord en dit ook gedurende de hele dag en ook minimaal twee weken durend.
Van deze twee symptomen moet er één aanwezig zijn alvorens een arts de diagnose depressie kan stellen.  
Psychiater dr. J.A. Swinkels, chef van de polikliniek volwassenen psychiatrie van het Academisch Medisch Centrum bij de Universiteit van Amsterdam, is van mening dat er inderdaad veel van de klachten met depressie en de aanvangsklachten van MS gelijklopend kunnen voorkomen. Er zijn vermoedens, geen zekerheid. Dat maakt de zaak alleen maar lastiger. Men dient vaak te wachten tot er dingen gebeuren die een differentiële diagnose mogelijk maken.
Bij een depressie geldt: hoe eerder deze wordt behandeld, hoe sneller en beter het resultaat zal zijn. Want depressies hebben helaas de neiging om te verergeren en om terug te komen. Deze kunnen niet enkel chronisch worden, ze kunnen ook de dood tot gevolg hebben. Van de mensen, die lijden aan een depressie, kan men statistisch aantonen dat er één op de zes in de loop van tien jaar overlijdt. De ernst van deze omvang is groter dan bij MS. Depressie is een dodelijke volksziekte. Daarom is consensus in behandeling en benadering zo belangrijk. Het gaat werkelijk om een heel ernstige zaak.


7. Ziekteverloop
Onzekerheid komt ook voort uit het feit dat het verloop van de ziekte grillig en moeilijk voorspelbaar is. Als de ziekte ‘een naam krijgt’, neemt automatisch de stress af. De onderzoekers roepen artsen op om met deze emotionele factoren rekening te houden in hun beslissing de patiënt al dan niet te informeren over hun vermoeden van MS.
Hoe MS in de tijd verloopt, verschilt van persoon tot persoon. Er kunnen 2 beloopsvormen aangeduid worden die onderling in elkaar kunnen overgaan zodat men eigenlijk 4 verschijningsvormen in het ziekteproces kan onderscheiden:

A. Het benigne verloop: 15 à 20% van de gevallen
B. De secundair progressieve MS: 46 à 51% van de gevallen
C. De primair progressieve MS: 30 à 35% van de gevallen
D. Het maligne verloop: 5 à 10% van de gevallen

Een verloop met exacerbaties (Schubs of opstoten) en remissies (herstel) en een progressief verloop. Verschijnselen treden plotseling op en verdwijnen weer.
Een kleiner deel van de mensen, waarbij de ziekte zo begint heeft na één of twee opstoten geen last meer van de ziekte. Dit is de benigne vorm (A).

Bij een grotere groep (B) gaat de ziekte na een aantal jaren over in een progressief verloop. In dat geval verergeren de klachten geleidelijk en zijn er geen remissies meer.

Bij eenderde van de gevallen (C) verloopt de ziekte van het begin af aan progressief. Hier zien we de klachten geleidelijk aan verergeren en is er geen duidelijk gemarkeerd begin vast te stellen.

Bij groep D spreekt men van de ernstige vorm van MS, welke enkel bij jonge mensen voorkomt. Deze mensen belanden binnen één of twee jaar in een rolstoel. Deze vorm is verantwoordelijk voor een groot percentage van invaliditeit bij jonge mensen. Er zijn op dit moment ongeveer 120 jonge mensen vanwege MS opgenomen in Nederlandse verpleeghuizen (MS Vereniging Nederland).

Bij de meeste mensen met MS schrijdt de ziekte echter geleidelijk voort. Tien jaar na de diagnose kan 80% van de mensen met MS nog lopen. Na 20 jaar is dit nog +/- 40% (MS Vereniging Nederland).
Men kan dus concluderen dat er grote verschillen zijn in voorkomen van frequentie van optreden van de schubs en toename van de blijvende symptomen.
Naast de neurologische problemen kunnen zich nog andere klachten voordoen, die nogal verschillen van aard. Moeheid en verminderde weerstand tegen allerlei infectieziektes komen als belangrijkste naar voor. Vooral de mate van vermoeidheid beïnvloedt het leven in hoge mate. Mensen met MS hebben een zwaar gevoel, zijn lusteloos en moe, daardoor ook somber en bezorgd over wat er met hen gebeurt. Hoe weet men nu of dit komt door MS, door angst of depressiviteit?
Deze mensen kunnen steeds minder: het houdt in dat mensen overdag moeten slapen om ´s avonds nog enige activiteit te kunnen ontplooien. Ook zijn de gewone dingen des levens minder lang vol te houden, zoals een boek lezen, een discussie aangaan, op visite gaan etc.
In geval van een infectie is de duur ervan dikwijls langer dan die bij huisgenoten, die met hetzelfde agens besmet zijn. Vaak hebben deze mensen er grote moeite mee hun vermoeidheid te begrijpen of te accepteren. Ze moeten hun levensstijl aanpassen en hun rol in het gezin anders gaan indelen. Ook de seksuele beleving wordt anders, de gezonde partner moet actiever worden. Het gevaar bestaat dat de partner die geen MS heeft, gaat denken dat de ander niet meer geïnteresseerd is. Als partners elkaar niet begrijpen, kan het huwelijk hieraan zelfs ten gronde gaan: Een goede communicatie is hier dus erg belangrijk.
Zijn mensen met MS nog in staat om voor zichzelf een zinvol leven op te bouwen?
In hoeverre slagen ze erin het leven met MS boven de ziekte uit te tillen en wat moeten ze ervoor doen (en/of laten)? Hierbij treedt als belangrijkste gegeven naar voor dat elke verzorger in de eerste plaats moet trachten om de persoon met MS te begrijpen. Zieken blijken veel steun te hebben van hulpverleners die hen ‘begrijpen’. Dit is niet evident, gezien de zieke heel veel van wat gebeurt zélf niet kan of wil begrijpen. We denken hier aan de term ‘entangeld’ uit de cursus van M. Holsheimer: ze zitten zowel fysisch als psychisch in een kluwen.
Het goede contact én begrip van de verzorger versterkt hun gevoel van eigenwaarde, ze vinden opnieuw aansluiting.
Maar er zijn tevens lichtpuntjes: bijvoorbeeld het contact met anderen met MS. Immers het échte begrip vindt een aantal mensen alleen bij lotgenoten. Die mensen hoef je niets uit te leggen, ze hebben aan een half woord genoeg. Ze praten vanuit eenzelfde belevingswereld, het wordt niet ervaren als gezeur en ze kunnen dingen van elkaar leren.

 

III. Behandeling van MS vanuit Westerse optiek


De Westerse geneeskunde gaat uit van een lineair verband tussen oorzaak en gevolg. Als een oorzaak kan aangewezen worden is er sprake van ziekte (= gevolg). Als er geen oorzaak kan gevonden worden is er sprake van klachten. De oorzaak wordt meestal gezocht in de hoek van de micro-organismen, overbelasting, traumata, tumoren, aangeboren factoren etc. Soms wordt de oorzaak behandeld, meestal de gevolgen.
MS is vandaag nog niet te genezen. De oorzaak is nog niet vastgelegd en de pathofysiologie loopt via ongrijpbare mechanismen van autoimmuniteit en is terdege diepgaand ingewikkeld. De behandeling is dus heden nog steeds van symptomatische aard. Er wordt getracht de symptomen te verzachten.We onderscheiden diverse types van behandelingen, al naargelang de fase waarin de patiënt zich bevindt:


1. Medicamenteuze behandeling

Wel zijn er medicijnen die de duur van de exacerbaties (schubs) kunnen verkorten (methyl-prednisolon) en het aantal exacerbaties kunnen verminderen (interferon-bèta) (Zwanikken 1997:16). Interferon is een virusbestrijdend middel waarvan veel verwacht wordt. Steroïden zijn krachtige geneesmiddelen, waarmee men overal in het lichaam zwellingen en ontstekingen kan tegengaan.
ACTH, adreno-corticotroop hormoon of corticotrofine is een hormoon dat van nature uit geproduceerd wordt door de hypofyse en dat het lichaam stimuleert bij de productie van steroïden in de bijnieren. Soms wordt dit door artsen voorgeschreven, omdat medische experimenten hebben aangetoond dat het de duur van terugvallen in MS effectief kan verkorten.
Zowel ACTH als steroïden (Prednisolon) hebben nare bijwerkingen en worden daardoor voor korte periodes voorgeschreven. Als nevenwerkingen worden een stijgende bloeddruk, manisch- depressieve stemmingen, urgente micties en insomnia als voornaamste geciteerd. Andere medicijnen zoals Cyclosporin, beïnvloeden het afweersysteem door overreactie tegen te gaan; zij zijn nog in onderzoek. Experimenten met Cyclophosphamine, hebben aangetoond dat sommige mensen met de ernstige, progressieve vorm van MS er baat bij vinden.
Daarnaast zijn er medicijnen waarmee de gevolgen van de ziekte behandeld kunnen worden. Carbamazepine (Tegretol) wordt voorgeschreven voor tremoren, spasmen en aangezichtspijnen. Deze ‘symptomatische’ behandeling kan MS in het dagelijkse leven draaglijker maken.
Ook hebben mensen met MS vaak baat bij persoonlijke leefregels, zoals vermijding van grote hitte of inspanning (Weber 1996: 88).


2. Dieet

Er zijn aanwijzingen dat voeding een rol kan spelen in de ontwikkeling van MS. Mensen met MS blijken een lager linolzuurgehalte te hebben dan andere mensen. Zodoende kan een toename van meervoudig onverzadigde vetzuren in het dieet, het klinische verloop van de ziekte in gunstige zin beïnvloeden. Twee wetenschappelijk gecontroleerde (dubbelblind) experimenten hebben aangetoond dat het gebruik van zonnebloemolie (dat hoog is aan linolzuur) kan leiden tot een kleine verbetering in het verloop van de ziekte, met minder terugvallen, die bovendien - als ze toch voorkomen – minder ernstig van aard zijn. Er zijn nog andere voedingsmiddelen en vitaminen die voor MS worden aanbevolen, maar er bestaat geen bewijs dat ze enig nut hebben. Bovendien kunnen ze in bepaalde gevallen de gezondheid van de patiënt schaden.


3. Conclusie uit de Westerse therapie
In het Westen is de geneeskunde gericht op herstel, op het genezen van een ziekte. Zolang er klachten en/of afwijkingen zijn, wordt er behandeld. Voor medicalisering moet er dan gewaakt worden: fixatie op klachten ziet men vaker. Het zijn en blijven vaak klachten en de behandeling vindt vaak plaats op geleide van de klachten. Indien mogelijk wordt getracht om tevens de oorzaak weg te nemen. Veel wordt met medicatie gedaan: de mensen verwachten van hun huisarts/ specialist ook meestal een medicijn tegen hun klachten. Naar zichzelf kijken en de oorzaak/ de behandeling op een ander vlak zoeken is voor velen te veel en te ver weg.

Behandeling en management van de ziekte: “Wij kunnen weinig meer voor u betekenen”

Voor MS bestaan op dit moment geen genezende behandelingen. Hoe gaan patiënten in dat licht om met aanwezige behandelingen?
Wanneer er zich een Schub voordoet, vindt direct een opname in het ziekenhuis plaats en een behandeling met prednison. Dat dit een “gif”is nemen ze op de koop toe, er is immers geen alternatief voorhanden. Voor de meeste MS patiënten zijn de Schubs echter een gepasseerd station en prednison kuren slaan niet meer aan. Ze gebruiken wel medicijnen, maar die zijn bvb. om hun spieren te ontspannen.
Sommigen blijven met de regelmaat van een klok naar de specialist(en) gaan, maar de meesten haken af omdat dit te vermoeiend is en toch geen “aarde” aan de dijk brengt. Artsen bezoeken doe je immers als je ‘ziek’ bent. Men heeft wel een ziekte, maar men voelt zich niet ziek. Het onderscheid dat wordt gemaakt is dat je met deze ziekte moet leren leven – hierbij concluderen velen dat ze hierbij dus ook geen dokter meer nodig hebben!
Door de grote variatie in het ziekteverloop en het gebrek aan effectieve behandelingen, zijn mensen stuurlozer dan bvb. bij suikerziekte, waarvoor duidelijke leefregels en een medisch regime bestaan (1). Dat maakt het geheel uitzichtloos, want ze moeten zich immers realiseren dat er geen ‘beter’ is.
Ziektemanagement bij mensen met MS bestaat uit het maken van een mix die de situatie zo leefbaar mogelijk houdt. Eigen ervaringen met medicatie, diëten en oefeningen worden zo gecombineerd dat de mensen zich er best bij voelen. De desastreuze uitkomst van MS is volledige afhankelijkheid. Veel van hoe de patiënt tegen de ziekte aankijkt en het verloop ervaart zal afhangen van de partner, diens instelling, geloof, hoop, liefde en trouwe inzet.

Vier perspectieven in het leven met MS

Dat mensen in twijfel trekken wie ze zijn, wat de zin is van hun leven, is niet bevreemdend als een chronische ziekte hen treft. Ze hebben de ziekte gekregen om haar nooit meer kwijt te raken en ze is hun niet aangeboden. Niemand accepteert MS in de betekenis van ‘er vrede mee te hebben’ en van het ‘als een positieve uitdaging’ te kunnen zien. Wel kunnen enkelen dit gegeven als een voldongen feit accepteren en met dit gegeven in de toekomst kijken. In de verwerking en reactiewijzen van de mensen zitten veel variaties en deze kunnen samengevat worden in een viertal perspectieven:

  1. Ik maak ervan wat ervan te maken is
  2. MS zal bij mij niet de overhand krijgen
  3. Ik laat MS mij beheersen
  4. Ik wil met MS niets maar dan ook niets te maken hebben

In de eerste twee perspectieven geven de mensen de ziekte een plaats in hun leven zodanig dat ze verder kunnen leven. Er is nog ruimte voor wat anders, voor anderen en hun gevoelens. MS neemt niet constant hun gedachten in beslag. Zij kunnen nog lachen en positief denken.
Mensen met de laatste twee perspectieven zijn niet in staat om hun leven met de ziekte opnieuw vorm te geven. Hun verslagenheid staat adequate aanpassing in de weg. Ze mijden alle informatie, aanvaarden geen hulp, zijn neerslachtig en verbergen dat het liefst. Deze gevoelens kunnen zo erg zijn dat ze niet verder willen leven. De zelfmoordgedachte komt dan vaker naar boven, wat natuurlijk heel erg is en welke de differentiële diagnose met depressie erg bemoeilijkt.
Zoals men kan aanvoelen is de conclusie dat men vanuit de westerse aanpak tegen de patiënt met MS zegt: leer hiermee te leven, vermijdt extreme omstandigheden, leer met uw gebreken omgaan en zoek zo goed en kwaad als mogelijk uw weg in het aanvaarden van uw situatie, hoe moeilijk die ook is. Omring u  zoveel mogelijk met liefdevolle mensen die u optimaal ondersteunen. Wij kunnen u helpen met psychologische ondersteuning en eventuele medicatie voor sommige van uw klachten.

 

IV. Behandeling van MS volgens Oosterse optiek

Er is niet één rechtlijnig verband tussen oorzaak en gevolg, er zijn er talloze! Een schitterend beeld ter vergelijking vind ik het spinnenweb: als één draadje verstoord of aangeraakt wordt, komt het hele net conform de input in beweging.
De Traditionele Chinese Geneeskunde (TCM) gaat uit van een evenwichtige balans tussen Yin en Yang. Die balans is bij ieder individu verschillend gezien het verschil in constitutie, lichamelijke en geestelijke vermogens. Bovendien is de individuele gevoeligheid verschillend. Het individu is tevens onderdeel van een groter geheel. Dat betekent dat alles en iedereen een invloed heeft op elkaar. Alle factoren van mens, dier en natuur spelen een rol bij gezond en ziek zijn…
Bij ziekte is er sprake van een verstoring van de balans van Yin en Yang. Er zijn steeds meerdere factoren die verstorend kunnen werken. Hierover zijn artsen het roerend eens. Doordat de balans bij iedereen anders ligt, werken ook verscheidene factoren in meer of mindere mate verstorend. Volgens de Chinese geneeskunde vindt er geen behandeling van een ziekte plaats, maar behandeling van een zieke!
Het behandeldoel is de zieke in een voor hem of voor haar beter, aangenamer evenwicht te krijgen, of nog anders gesteld om de verloren gegane harmonie tussen Yin en Yang te herstellen.
Acupunctuur is een keuze- behandeling voor MS. Meestal hebben mensen met MS al een hele geneeskundige weg doorlopen en zijn op zoek naar iets nieuws, dat hun verlichting kan brengen. In de eerste instantie is goed luisteren naar hun verhaal heel belangrijk. Zij zijn op zoek naar begrip en ondersteuning voor zichzelf en hun partner en familie. Als er eindelijk iemand is die hun klachten kan begrijpen, zien we meestal hun houding veranderen door deze groeiende acceptatie en kunnen ze zich positiever naar hun toekomst met MS richten (7).
De therapie bij MS is er op gericht om grip te krijgen op de ziekte en het verloop ervan te stabiliseren. Een voorwaarde hiervoor is dat iemand met MS tot aanvaarding komt van de ziekte en zijn emotionele evenwicht hervindt. De behandeling kan hierin helpen door de algemene vitaliteit te verbeteren. Soms wordt ook psychotherapeutische begeleiding geadviseerd, als de aanvaarding niet bereikbaar lijkt. Een keer de TCM-therapie gestart is, worden meestal eerst de pijn en alle overheersende ongemakken behandeld, waarna naar de etiologie gekeken wordt. Zodra het enigszins kan zal de oorzaak aangepakt worden en wordt de dysharmonie t.h.v. de milt, lever of nier behandeld (5). Hieruit vloeit meteen voort dat de vermoeidheid - veroorzaakt door het proces van demyelinisatie - snel vermindert. Alhoewel de reactie na behandeling bij iedere patiënt verschillend is, kan het soms gebeuren dat de mensen direct een verbetering aanvoelen, maar eveneens kan het gebeuren dat ze  zich wat moe en slaperig voelen en dat ze zich pas later beter gaan voelen.
Bij men  sen met MS wordt ook veel aandacht geschonken aan de voeding en aan oefeningen voor een bewust gerichte ademhaling. De TCM kent interne en externe oefeningen, die als doel hebben de patiënt zelf door eigen activiteit te stimuleren om de gezondheid te onderhouden: T’ai Chi Ch’uan en Qi Kung. Het dieet vormt in de TCM een min of meer natuurlijk onderdeel van het leven, waarin de yin-yang principes zijn doorvlochten. Acupunctuurbehandeling houdt naast het aanprikken van bepaalde lichaamspunten ook het gebruik van Moxa, Cuppen, Elektrostimulatie ook het gebruik in van Chinese Kruiden. Deze zijn niet enkel eeuwenoud en beproefd, maar tevens zeer efficiënt en daardoor een ideale methode om ziektes te genezen. Westerse geneesmiddelen onderdrukken de verschijnselen van de ziekte en kennen vele bijwerkingen. Chinese kruiden behandelen de ziekte zelf en bijwerkingen zijn vrij zeldzaam. Bovendien worden ze enkel voorgeschreven en verstrekt op basis van de specifieke toestand van de patiënt. Dit betekent dat ze slechts heel tijdelijk dienen ingenomen te worden. De patiënt wordt bij ieder bezoek opnieuw geëvalueerd. Door inpassing van deze principes zal men trachten de beginnende disharmonieën die ziekten kunnen kenmerken, op te heffen.
Kortom, als iemand met MS serieus wenst mee te werken met de therapeut die behandelt op basis van de traditionele Chinese geneeskunde, vereist dit vaak een fundamentele omschakeling in de leefwijze.
Acupunctuur zou bij het merendeel van de mensen met MS een stabilisatie van de klachten teweegbrengen.
Meestal is evenwel een langdurige therapie nodig. De frequentie van de behandelingen varieert. Bij acute klachten is de behandeling zeer intensief, dagelijks of om de dag. In een enkel geval ontstaat bij het prikken een directe reactie, zoals spasmen. Van acupunctuur is weinig of geen effect te verwachten als de patiënt Prednisolon gebruikt. De meeste patiënten ervaren prikken bij acupunctuur niet als pijnlijk.
In de TCM wordt MS gezien als een typische vorm van een atrofisch syndroom.


1. De Oosterse aanpak volgens Maciocia (5)
Hij ziet de volgende vier etiologische factoren:

1. Invasie van Extern Vocht (Damp)
In de beginfase speelt dit een grote rol. Extern vocht invadeert de meridiaanbanen van de benen, kruipt hierlangs omhoog en zorgt voor een blokkade van energie. Met als gevolg tintelingen, zwaar- en/of verlamd gevoel in de benen. Dit kan veroorzaakt worden door het zitten op nat gras, het niet goed afdrogen na het zwemmen of baden, of door sporten in vochtig of mistig weer. Vrouwen zijn extra kwetsbaarhiervoor gedurende hun menstruele cyclus of na een zwangerschap.

2. Dieet
Excessieve consumptie van vetrijk eten, veel kaas en melk, room en boter. Ook gefrituurd voedsel of overdreven veel koud voedsel is tegen aangewezen.

3. Excessieve seksuele activiteit
Dit verzwakt de Nier en de Lever. Deze is verantwoordelijk voor de symptomen die soms voorkomen in de midden en latere stadia van de ziekte. Deze zijn duizeligheid, wazig zicht, urgente mictie of twijfel over plasnood en extreme zwakte in de benen.

4. Shock
Dit veroorzaakt een plotse uitputting van Hart- en Milt Qi. De Milt beïnvloedt de spieren. Als de Milt Qi deficiënt is zullen de spieren minder goed gevoed worden vanwege een verminderde toevoer vanuit Gu- Qi. Als de Hart Qi deficiënt is, zal de bloedcirculatie gedaald zijn, waardoor Xue en Qi afnemen, wat resulteert in een mindere voeding en doorbloeding van de extremiteiten. Gevolg: zwakke ledematen, duizeligheid, en zelfs vertigo.

Maciocia deelt de ziekte in 3 fasen in:

1. In de meeste gevallen (vroege stadia) reflecteren de hoger beschreven symptomen de invasie van damp.
2. In de middenstadia van de ziekte is er een toename van Lever- en Nier deficiëntie, welke de geciteerde symptomen doet verergeren nl. een wazig zicht, sufheid, progressieve zwakte van de benen en urinaire haast of twijfel. Als stijgend Lever Yang toeneemt, zien we stijve benen, duizeligheid met braken in toenemende mate.
3. In de latere stadia, als Lever-Wind toeneemt, zien we: meer beven, tremoren en ernstige spasmes van voornamelijk de benen voorkomen.
In de acupunctuurbehandeling volgens Maciocia, richt hij zich voornamelijk op de eerste twee stadia van de ziekte.


A. Twee basispatronen

Hij onderscheidt voornamelijk 2 basispatronen:

1) Damp- flegma met Milt Deficiëntie

      • Klinische symptomen: hinken, zwaartegevoel in de benen, tintelingen in de extremiteiten, duizeligheid en algemene vermoeidheid
      • Tong: gezwollen tonglichaam met tandindrukken met taai- kleverig beslag
      • Pols: zwak, leeg en glijdend
      • Behandelingsprincipe: de dampsymptomen oplossen, de milt tonifiëren, de gekoppelde meridianen versterken.
      • Acupunctuurtherapie/ verklaring:

RM-12 Zhongwan

Bl-20 Pishu tonifiëren de milt

MP-9 Yinlingquan  

MP-6 Sanjinjiao lossen de damp op

Ma-40 Fenglong lost het flegma op

  • Fytotherapie/ verklaring:

Si Miao San  (eerste vier kruiden) lost de damp- hitte op in de onderste drievoudige verwarmer en de benen.

Bi Xie lost de damp in de benen op.

Bai Zhu tonifiëert de Milt Qi en droogt de damp op.

Du Huo lost de wind- vochtigheid op in de onderste drievoudige verwarmer en versterkt de gekoppelde meridianen.

2) Lever- en Nier Deficiëntie

    • Klinische symptomen: progressief zwakker worden van de benen, zwakke rug en knieën, duizeligheid, slechtwerkend geheugen, wazig zicht, twijfel of plotse spoed bij het plassen.
    • Behandelingsprincipe: tonifieer de nieren en de lever, versterk de pezen en de botten en breng het bloed in beweging.
    • Acupunctuurtherapie/ verklaring:
      • Ni-3 Taixi, RM-4 Guanyuan, Bl-23 Shenshu en MP-6 Sanyinjiao tonifiëren de Nieren
      • Le-8 Ququan en Bl-18 Ganshu tonifiëren de Lever
      • Du-3 Houxi en Bl-62 Shenmai versterken de Du Mai en de wervelkolom
      • Le-3 Taichong en Ga-20 Fengchi onderwerpen Lever Wind
      • Ga-20 kan ook de ogen gunstig beïnvloeden in geval van wazig of dubbel zicht.
    • Fytotherapie/ verklaring: 
      • Liu Wei Di Huang Wan (eerste zes kruiden) voedt Nier- en Lever Yin
      • Du Huo verdrijft Wind- Vocht uit de onderste drievoudige verwarmer en versterkt de gekoppelde meridianen
      • Sang Ji Sheng voedt Lever Xue en ook de pezen
      • Ji Xue Teng en Wu Jia Pi versterken de gekoppelde meridianen, brengen het bloed in beweging en versterken pezen en botten
      • Du Zhong mag hier in kleine doses aan toegevoegd worden ook al is het een Yang tonicum om de lage rug en de benen te versterken alsook de hele wervelkolom. De impact van dit geheel aan kruiden is om Yin te voeden, daarom is het ook goed om een Yang tonicum toe te voegen, vermits Yang voor beweging staat en die willen we terug opwaardere


B. Aanvullende behandelmogelijkheden

 Naast de aangegeven acupunctuurtherapie voor beide MS patronen, reikt G. Maciocia andere punten aan die naargelang de casus nuttig kunnen gebruikt worden: de lokale punten op de ledematen moeten gebruikt worden om de obstructie in de meridianen op te lossen. Dit zijn exact dezelfde punten als deze voor de behandeling van hemiplegie als gevolg van een wind aanval.

  • Bij obstructie van de meridianen in de armen: Di-4, Di-10, Di-11 en Di-15; 3V-3, 3V-5 en 3V-14; Du-3
  • Bij obstructie van de meridianen in de benen: Bl-23, Bl-40, Bl-57 en Bl-60; Ga-29, Ga-30, Ga-31, Ga-34, Ga-39 en Ga-40; Ma-31, Ma-32, Ma-36 en Ma-41
  • Bovendien is het belangrijk om punten op de Du Mai en de Huatuojiaji te gebruiken voor het zenuwstelsel, gezien het feit dat de myeline schede, welke bij MS het doelwit van de beschadiging is, gelokaliseerd is rondom de wervelkolom.
  • De meest frequent gebruikte punten van de Gouverneur Meridiaan zijn:
  • DM-3 YaoyangGuan, welke de benen affecteert
  • DM-4 Mingmen, welke de vuurpoort van de vitaliteit tonifiëert alsook Nier Yang
  • DM-12 Shenzhu
  • DM-14 Dazhu
  • DM-20 Baihui.
  • De overeenkomstige Huatuojiaji punten kunnen ook gebruikt worden.
  • In de latere stadia van MS kan ook een bloedstase voorkomen. Dit is extreem storend voor de patiënt vooral als – in toevoeging tot paraplegie en spasmen – er ook nog veel pijn bijkomt in de spieren. In deze gevallen moet men deze punten gebruiken om het bloed in beweging te brengen, nl.: Bl-17 Geshu en MP-10 Xuehai.
  • Ook de Wondermeridiaan Tae Mo kan dikwijls nuttig gebruikt worden in de behandeling van MS. De Gordelmeridiaan omgordt immers de beenmeridianen. Een disfunctie van deze wondermeridiaan heeft een sterke impact op de bloed- en Qicirculatie in de beenmeridianen. Deze meridiaan is vaak aangedaan bij een externe invasie van Vocht en de patiënt heeft het gevoel alsof hij in water zit. Dit gevoel komt vaker voor bij MS patiënten. Deze meridiaan is ook vaak aangedaan door een deficiëntie van de Maagmeridiaan, zodat hij zich niet kan binden zoals het hoort en zijn (gordel-) spanning teloor gaat.
  • In het boek “Simple Questions” zien we in hoofdstuk 44: ”Wanneer de Heldere Yang meridianen deficiënt zijn, kan de Gordel meridiaan niet binden, met als gevolg atrofie van de benen”. In deze gevallen kan men de punten op de Gordelmeridiaan gebruiken: starten met Ga-41 Qiuxu aan de linkerzijde voor de mannen en aan de rechterzijde voor de vrouwen en 3V-5 Waiguan aan de tegenovergestelde zijde. Men kan dit overigens combineren met Ma-36 Zusanli om Helder Yang te versterken en Bl-23 Shenshu om de beenmeridianen te tonifiëren.
  • De Gouverneurmeridiaan (Du Mai) is heel belangrijk in de behandeling van MS gezien zijn grote invloed op de Nier en de wervelkolom. Om deze te openen prikt men Du-3 Houxi – links voor de mannen, rechts voor de vrouwen en Bl-62 Shenmai aan de tegenovergestelde zijde.
  • Als men de Du Mai inzet bij vrouwen moet je ook de Directing Vessel, de Ren Mai inzetten: Dus start men met Du-3 Houxi rechts, Bl-62 Shenmai links, Lo-7 Lieque links en Ni-6 Zhaohai rechts eindigen, in deze volgorde.
  • Als de spieren aan de zijkanten van de benen stijf zijn en ook zo gespannen aanvoelen, kan men de Yin Heel Vessel tonifiëren en de Yang Heel Vessel reduceren. Gebruik hiervoor Ni-6 Zhaohai, welke getonifiëerd moet worden en reduceer de Bl-62 Shenmai op hetzelfde been.
  • Als de spieren aan de middenzijde van de benen stijf en gespannen zijn, kan men de Yang Heel Vessel tonifiëren en de Yin Heel Vessel reduceren. Daarvoor wordt de Bl-62 getonifiëerd en de Ni-6 Zhaohai gereduceerd op hetzelfde been.
  • In het boek: “Pulse Classic” door Wang Shu He zien we volgende citaat: “ Als de Yang Qiao ziek is, dan zijn de spieren aan de beide middenzijdes van de benen zwak en stijf; als de Yin Qiao ziek is, dan zijn de spieren aan de zijkanten van de benen zwak en stijf.”
  • Uiteindelijk is ook schedelacupunctuur zeer nuttig als behandeling van MS. Maciocia vindt dit een geschikte aanvulling van de therapie door het prikken het motorische gebied van de benen en de armen (zie Fig. 27.4 in Hoofdstuk 27 over Wind Stroke (CVA). De techniek voor naaldinsertie is de zelfde als deze geïndiceerd voor de Ziekte van Parkinson (zie Hoofdstuk 26) en CVA (zie Hoofdstuk 27). Beide verwijzen naar het boek: “The practice of Chinese Medicine van G. Maciocia.

 

C. Een casus  (5)

Een vrouw van 36 jaar oud, die al 3 jaar de symptomen van MS vertoont, verschijnt op consultatie. De symptomen waarover het meest geklaagd wordt zijn: zwaartegevoel in de benen, evenwichtsverlies, zwakke benen, moeilijk stappen, incontinentie; gedurende de zangerschap 2 jaar geleden was haar conditie tijdelijk verbeterd. De tong is lichtbleek met rode stippen, gezwollen met een crack in de hartstreek. Het tongbeslag is geel en kleverig. De pols is zwak en fijn, vooral op de hartpositie.
De diagnose luidt damp, welke sterk in de onderste 3VV en de beenmeridianen is binnengedrongen. De oorzaak hiervan is gelegen in de milt, maar tevens in het hart. Dit reflecteert zich in de tong en het verdere lichaamsonderzoek. Patiënte geeft verder aan dat ze één jaar voor de eerste symptomen een zware shock onderging.
Principe van behandeling: 
1. de damp oplossen uit de onderste drievoudige verwarmer
2. tonifiëer de Maag/ Milt
3. versterk het hart
4. kalmeer de geest
5. los de obstructie op in de meridianen, versterk de gekoppelde meridianen
6. versterk de blaas, stop de incontinentie

Acupunctuurtherapie:

  • Ma-36 Zusanli, MP-6 Sanyinjiao, RM-12 Zhongwan en Bl-20 Pishu zorgen voor tonificatie van Maag en Milt.
  • MP-9 Yinlingquan en Bl-22 Sanjiaoshu lossen de damp op uit de 3VV eveneens met tonificatie.
  • Ha-5 Tongli kalmeert de geest.
  • Ma-31 Biguan, Ma-34 Liangqiu, Ma-41 Jiexi en Ga-40 Qiuxu lossen de obstructie op in de meridianen en versterken de gekoppelde meridianen. De laatste 2 punten zorgen tevens voor een betere beweging, gezien hun goede invloed op de voeten.
  • Bl-28 Pangguangshu en Bl-32 Ciliao versterken de blaas.

Eindconclusie: deze patiënte is nog steeds in behandeling; haar conditie heeft een verbetering gegeven van ongeveer 60% en is nu zo goed als stabiel.

G. Maciocia (5) beschrijft de behandeling van MS met de Traditionele Chinese Geneeswijze het meest uitgebreid. Hij geeft echter nadrukkelijk aan dat de prognose beter is naarmate eerder aan de therapie begonnen kan worden. Dit komt ook tot uiting bij gesprekken met docenten en acupuncturisten met de nodige werkervaring. Zelfs met een beperkt prikprogramma kan al snel een positief resultaat bereikt worden. Al vrij snel geven patiënten aan, dat er verbeteringen in hun lichaam plaats vinden. Het meest opmerkelijke is de afname van de moeheid. Naast alle andere verbeteringen, vinden de patiënten dit veruit de belangrijkste aanwinst: het dagelijks functioneren wordt beter hierdoor en hun afhankelijkheid wordt minder erg: meestal zijn ze opgelucht dat ze weer zelf een aantal zaken kunnen doen die ze eerder aan anderen moesten overlaten.
Patiënten die in een schub zitten op het ogenblik van de therapie ondervinden meestal geen verbetering, tenzij de behandelingen in deze gevallen wat frequenter op elkaar volgen.
Ook mag ook aangegeven worden dat het effect van de behandeling niet bij iedereen even lang aanhoudt.


2. De Oosterse aanpak volgens J. Ross (8)
J. Ross is van mening dat MS in het beginstadium een Weisyndroom, dus een probleem van afweerenergie kan zijn en richt zijn aanbevolen acupunctuurbehandeling op het oplossen van Wind-Hitte of Damp-Hitte.
In de latere, meer chronische stadia richt de behandeling zich op het tonifiëren van de voorkomende deficiënties. Primair ziet hij hier een Nier-deficiëntie, omdat de Nieren de ontwikkeling en de werking van het zenuwstelsel verzorgen.
Als behandelingsmogelijkheid geeft Ross de volgende acupunctuurpunten aan welke stimulerend dienen te worden geprikt. Het betreft DM, Huatuojiaji en Blaaspunten op het aangedane segment:

  • Bl-62 en Du-3 voor het versterken van DM, de hersenen en het ruggenmerg
  • Bl-23 en Ni-6 voor het tonifiëren van de Nieren
  • Ga-20, DM-16 bij visusstoornissen
  • Bl-20 bij Milt deficiëntie met Xue-deficiëntie en Damp
  • Bl-31, Bl-40, Bl-57 bij zwakte van de benen
  • DM-14, Di-4, Di-11 bij zwakte van de armen

De voorgaande punten bevinden zich alle op de rug. Er is een afwisseling mogelijk met punten aan de voorzijde van het lichaam, welke eveneens stimulerend of neutraal dienen geprikt te worden:

  • RM-6 om de Nieren te versterken en bij Dampsymptomen
  • RM-3 voornamelijk bij mictieproblemen
  • RM-12 versterkt de Milt
  • Ma-36 voor het tonificeren van Qi en Xue
  • Mi-6 en MI-9 voor het oplossen van Dampfactoren

De therapie bij een schub, waarbij het meestal gaat om een Wind-Hitte, Hitte, Damp-Hitte of Damp luidt neutraal of sederend prikken:
Bij Wind-Hitte: DM-14, 3V-5, Di-4
Bij Hitte: DM-14, Di-4, Di-11
Bij Damp of Damp-Hitte: Di-10, Mi-6 en Mi-9

J. Ross (8) ziet bij een deel van de mensen met MS een verslapping van de attitude, welke hij een Nier-Yin persoonlijkheidstype noemt. Bij deze mensen ziet men een afname van inzet omdat ze de armen laten zakken. Het aangaan van, het invullen van nieuwe verantwoordelijkheden lukt niet meer. Ze zijn vaak bang voor een gebrek aan eigen capaciteiten of hebben faalangst, waardoor ze de juiste stappen niet meer willen of kunnen nemen. Ze berusten dan ook in de neiging tot opgeven en sluiten zich dan ook liever op.
J. Ross geeft aan dat dit gelukkig slechts een klein deel van de patiënten met MS betreft. Deze mensen moeten eerst nog horen over de goede evolutie van andere MS-patiënten onder acupunctuurbehandeling, alvorens we deze te zien zullen krijgen op consultatie.
Kortom, wat al eerder werd aangegeven hierboven wordt bij deze nog maar eens benadrukt: er is geen stabilisatie mogelijk bij mensen met MS tenzij ze het ziekteproces kunnen aanvaarden.


3. Conclusie uit de Oosterse therapie

Uit literatuur en vraagstelling van voornamelijk de docenten die als stagemeesters het eerste aanspreekpunt zijn voor studenten-TCM komt het volgende naar voor:
MS is altijd een heel moeilijk te beoordelen ziekte. Ook de patiënt is lastig te beoordelen omdat deze totaal onverwacht geslingerd wordt tussen zeer slechte en zeer goede tijden, waardoor je als behandelaar direct met uitersten in dezelfde patiënt te maken krijgt. De patiënten zijn meestal zeer nerveus en ongerust over hun toekomst. Deze nervositeit kan je dan wat reduceren en dit brengt rust, daar is de patiënt je dankbaar voor.
Maar je weet bvb. vooraf nooit of je nu iemand voor je hebt met een benigne verloop of met een primair progressief verloop. Het verder verloop leert je dat of juist net niet, omdat het proces stilvalt bvb. Maar hierover valt geen uitspraak te doen, want in het geval van een benigne verloop zou dit misschien net zo goed verlopen zijn zonder behandeling. Je zou al moeten werken met eeneiige tweelingen, die samen op hetzelfde moment de ziekte ontwikkelen in dezelfde hoedanigheid, de ene behandelen en de andere met een placebo en dan nog het liefst dubbelblind om er enige wetenschappelijke waarde aan te kunnen hechten. Nu weten we uit voorgaande wetenschappelijke studies, dat wanneer MS voorkomt bij één van een eeneiige tweeling, de kans dat de andere ook de ziekte krijgt ongeveer 30% is.en niet meer dan dit (10). Het moet dus naast een familiale aggregatie door een gevoelig genotype gaan om meer dan dit alleen: dat meer moet een infectie zijn door een infectieus agens.
Daarentegen wordt gemeld dat in gevallen met een uitgesproken maligne verloop er toch een stilstand kan bekomen worden en dat de lastige symptomen hier vrij snel verminderen. Dit is bepaald hoopgevend. Evenwel wordt aangegeven dat bij de latere fasen van MS nog wel een verbetering kan bekomen worden, maar hier kan geen algeheel herstel meer bekomen worden. Daarvoor zijn er reeds teveel plaques in de hersenen aanwezig om nog tot een verregaande verbetering te kunnen evolueren.

Wat in zijn algemeenheid wel kan gesteld worden is dat alle bijkomende klachten zoals urineverlies, plotse urgente micties, krampen of stijve spieren, alsook paresthesieën in de ledematen met acupunctuur goed op te lossen zijn. Ook de vermoeidheid is flink reduceerbaar en dat is een hele opsteker. Bijna steeds wordt de behandeling ondersteund met een kruidencombinatie, welke een energievoeding is welke ook een dampklarende eigenschap heeft: de Pinelia and Gastrodia combinatie. Hier zien we duidelijk een therapie ondersteunde formule voor het basispatroon Damp-flegma met milt deficiëntie, beschreven door G. Maciocia (zie hoger).
Ook interessant te vermelden is de Lonicera and Forsythia combinatie in geval van een griep of verkoudheid bij MS patiënten, waarvan men weet dat ze hiermee grote moeite hebben en er langer onder lijden. Er wordt van bij de eerste signalen van een verkoudheid meteen  met bovengenoemde combinatieformule gewerkt, zodat de virussen hierdoor afgeblokt worden en de cellen niet meer kunnen penetreren. Dit fenomeen is in vitro wetenschappelijk aangetoond en werkt prima.
Bijna alle ondervraagden geven aan dat ze ondanks hun goede zorgen de leefkwaliteit van de patiënten met MS in hoge mate kunnen verbeteren, maar dat over de invloed van TCM op het eigenlijk genezen van de ziekte lastig te beoordelen is. Hierover worden geen harde uitspraken gedaan.

Hiervoor zou er wetenschappelijk werk dienen verricht te worden, waarbij statistisch gewerkt wordt om alle resultaten in kaart te brengen, waardoor procentuele resultaten zouden kunnen geregistreerd worden. Gezien het feit dat hierbij dan veel subjectieve aspecten een grote rol spelen, waagt niemand zich hieraan.

Alhoewel de TCM niet in staat is om MS volledig te genezen, kan het toch behoorlijk helpen om enerzijds de symptomen te reduceren en anderzijds om het voortschrijdende aftakelingsproces te vertragen.

Acupunctuur helpt veel om het gevoel van zwaarte, duizeligheid, tintelingen in de benen te reduceren en de kwaliteit van het wandelen te bevorderen.
De prognose bij behandeling is volgens Maciocia beter naarmate eerder aan de behandeling begonnen wordt met acupunctuurtherapie. Als de patiënt nog kan wandelen als hij u voor het eerst consulteert, kan je goede resultaten verwachten. Als de patiënt reeds continu in een rolstoel zit, is er weinig hoop op verbetering.
Als de behandeling in een vroeg stadium gestart kan worden kan het gebeuren dat de symptomen zelfs helemaal verdwijnen en dat de voortgang van de ziekte volledig gestopt wordt. Dit alles heeft meer kans van slagen als de patiënt goed meewerkt met de therapeut en alle adviezen trouw opvolgt. Dit houdt in meer rusten, aanpassen van het dieet en het reduceren van alle seksuele activiteit.
In de beginfase zou de behandeling 2 à 3 maal per week moeten plaatsvinden. Na enkele weken zou men dan kunnen overstappen naar 1 maal per week en later zelfs naar 1 maal per veertien dagen. Als er goede vooruitgang geboekt wordt, zou de patiënt vervolgens dan 1 maal per maand moeten blijven gezien worden. 

De oorzakelijke factor en de pathologische pathway is nog niet vaststaand neergelegd. Misschien zal binnenkort de oorzaak vastgesteld worden?De waarheid ligt ongetwijfeld in de toekomst. Zelfs indien men het oorzakelijk agens binnenkort juist kan bepalen, zal men de ziekte wel kunnen voorkomen bij de volgende generaties d. m. v. een vaccin, maar er zal nog een lange weg afgelegd moeten worden om de ziekte daadwerkelijk te kunnen genezen. Daarvoor zal men eerst moeten inzage krijgen in de pathologie van de ziekte. Dit betekent inzicht in de immunologische impact - die het verweersysteem van het lichaam na verloop van tijd realiseert -om tot een auto-immuun ziekte te komen. In de literatuur is niet zoveel te vinden over dit onderwerp. Enkele recente wetenschappelijke artikels, mij aangereikt door Dr. W.S. Kwee, Anatoompatholoog te Roermond, tonen aan dat Westerse onderzoekers steeds dieper op dit onderwerp ingaan door een uitvoerige studie van omgevende neurologische structuren, zoals de gliacellen.

 

V. Slotbeschouwing

In de literatuur en op het internet vindt men zowel bij Westerse en Oosterse artsen een goede omschrijving van MS. De anamnese en diagnose worden herkenbaar weergegeven De Westerse zowel als de Oosterse arts zal in veel gevallen de symptomen bestrijden. Ze doen dit echter op een verschillende wijze. Het essentiële verschil bestaat erin dat de Westerse arts voornamelijk aan pijnbestrijding doet, terwijl de Oosterse arts intern gaat sleutelen aan de organen die het meest te lijden hebben onder de gevolgen van de ziekte.
Uit zowel Westerse als Oosterse literatuurstudie komt naar voor dat de psychologische aanpak om de patiënt zijn ziekte te doen aanvaarden de eerste stap is richting verbetering.

De Westerse geneeskunde gaat zoals traditioneel verwacht wordt steeds dieper in de structuren op zoek naar de antwoorden op gestelde open vragen. Het verder onderzoek naar de functie van de glia toont dit goed aan, evenals de poging om te experimenteren met stamcellen. Toch moet men hier toegeven dat men de sleutel tot de eigenlijke pathofysiologie nog niet kent en dus machteloos staat om hieraan vandaag te verhelpen
Als duidelijk wordt dat als de westerse aanpak tot een bepaald niveau komt en dan moet toegeven dat men op deze wijze niets meer kan doen voor de patiënt met MS en op dat ogenblik kan de Oosterse wijze nog voor verlichting zorgen, dan is dit een breekpunt.
Immers, als behandelaar van chronisch zieke mensen moet men het (on)bereikbare, nl. de genezing wel betrachten, maar zolang dit niet haalbaar is, komt de verbetering van hun persoonlijke balans op de eerste plaats. Hopen op een doorbraak, beter inzicht of zelfs genezing is steeds gewettigd, maar niet altijd reëel..
In het Westen, waar acupunctuurtherapie ook een groeiend succes kent, wint de gedachte dat lichaam, geest en omgeving van de mens niet los te zien zijn van elkaar, steeds meer terrein.

De Oosterse geneeskunde gaat dieper op de noden van de patiënt in, ze probeert het verstoorde energetische evenwicht terug te herstellen en slaagt daar ook in.
De vermoeidheid ebt langzaam maar zeker beetje bij beetje weg omdat de milt, de lever en de nier weer in harmonie gebracht worden. De patiënt voelt zich beter ondersteund en kan meer taken weer zelf vervullen. Zijn afhankelijkheid wordt minder en de aftakeling van de mens met MS wordt een halt toegeroepen. Er komen meer en meer ademruimtes en de angst op hervallen wordt hiermee wat tot bedaren gebracht. In een latere fase komt het vertrouwen langzaamaan terug.

Acupunctuur kan - gezien ze de kwaliteit van het leven verbetert - als een  aanvullende behandeling gezien worden. Meer en meer wordt men zich ervan bewust dat Westers en Oosters denken elkaar aanvullen en dat dit uiteindelijk ook tot een kostenbesparing kan leiden van het ziektekostensysteem. Eens deze stelling aangetoond zal TCM haar rol als additieve geneeswijze kunnen bekrachtigen.

Het ultieme doel is dat beide geneeswijzen van in het begin kunnen samenwerken om geen tijd te verliezen, teneinde de patiënt op een zo hoog mogelijk niveau van welzijn te brengen en/of te houden.
Er kan dus geconcludeerd worden dat acupunctuur kan gezien worden als een bemoedigende en aanvullende behandeling voor mensen met MS.
Telkens zal er echter een beter resultaat bereikt worden als men primo snel in de aanvang van het ziekteproces aan de behandeling kan beginnen en secundo een individuele benadering van de patiënt nastreeft.

 

VI. Final conclusion - summary

Throughout an intense search in literature and on the internet, I tried to describe the immense consequences a severe autoimmune disease as MS has for those who suffer from it.
I tried to give a short survey on the physical, psychological and social factors inside and around the MS patient.

These patients deserve a good back-up and  caring from family and friends, who will have to study the disease in order to understand this particular patient, who is doubtfull about his/ her potential functioning capacities, that diminish within time.

After a short description of the disease itself, its historie, clinical manifestations and diagnosis I gave an insight on the western medicine research level and its latest opinions. After this I gave a summary of the western treatment, then I gave an overview of the oriental treatment of todays patients. There are big differences on  the way of approach and I hope that I could give the reader a little insight in this matter. I certainly stayed incomplete, but I worked as good as possible with the data I could reach for and I hope that the reading of this syllabus will be an encouragement for the reader to invest in further research on MS.

The conclusion of these reports tells us:

  • that the Western approach with the steroids has a sufficient impact in the first stages of the disease, but bitterly fail in the later fases. Further research, that is going on at a large scale mostly in the US, can lead to the understanding of its cause and the working of the autoimmune pathology. We learn today that the the more we understand about the environment of the neurons, the more complex the proces of the disease is. Maybe stemcell transplantation could be the key to a real cure, but has to count with a lot of tricky problems; maybe the further  molecular analysis of IgG specificity will give us the key to the pathofysiology of MS
  • that the Oriental approach can improve the quality of life for the patient for about approximately 60 %, in cases where patients have the courage to alter their modus vivendi (no more chocolate f. i.) and follow up carefully  the advices of the therapist.  The main reason is that TCM works on the shortages in the organs that are supplying the pathofysiology of the demyelinisation proces.
  • that the combination of both approaches can lead to an improvement and even a status quo of the disease. However not all treatments can work together. At every stage one will have to choose the treatment that fits the best for this particular patiënt in casu.

 

 

Literatuurlijst

 

  • In relatie tot MS, Zorgafhankelijke mensen met MS en hun partners

  H. R. Boeije/ N. Bromberger/ M. S. H. Duijnstee/ M. H. F. Grypdonck/ A. Pool/ 1999
ISBN 90 5050762 X 

  • Mijn overwinning: Hoe ik leef met MS   Moira Griffin/ 1989
    ISBN 90 266 1981 2
  • ALS: Hoe vaak kan een hart breken?  Carla de Vries – Van den Heuvel e. a./ 2004 ISBN 90 6100 561 2
  • MULTIPLE SCLEROSE, een arts zelf MS – patiënt helpt anderen  Alexander Burnfield/ 1985 ISBN 90 266 1839 5
  • The Practice of Chinese Medicine, The treatment of diseases with Acupuncture and Chinese Herbs Giovanni Maciocia/ 1994
    ISBN 0- 443- 04305L
  • Acupunctuur, leer- en handboek van de practische acupunctuur Coen van der Molen ISBN 90 352 2133 8
  • Zorgwijzer Multiple Sclerose Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie
  • Acupuncture Point Combinations Jeremy Ross 
  • Depressie en Prozac, de échte stand van zaken Anna van Wittenberghe/ 1996 ISBN 90 295 5749 4
  • The dark side of glia / www.sciencemag.org - science – vol 308 G. Miller -  6 may 2005
  • Treatment of severe autoimmune disease by stem-cell transplantationMegan Sikes and Boris Nikolic – Nature Publishing Group -  p. 620 - 627

 

 

 


top
index

overzicht scripties
beginpagina

 

Toolbar
© Acupunctuur.com. Acupunctuur.com is door de Nederlandse Artsen Acupunctuur Vereniging opgezet om meer informatie te geven over additieve geneeswijzen. De informatie op deze pagina's kan echter nooit een bezoek aan uw huisarts of specialist overbodig maken.
Ontwerp en onderhoud:
Hippo WebDesign, Amsterdam